Archief - Nieuws - 2010




Bezoek Guarani in Europa: 1 – 12 december 2010

14 december 2010

Door: Geertje van de Pas / Wim van Kempen

“We zijn zoals de sterren. En al staan ze ver weg, we strijden samen.”

Eén van de vele poëtische uitlatingen van Anastácio, leider van het inheemse volk Kaiowá Guarani, tijdens zijn bezoek aan verschillende landen en verschillende organisaties in Europa afgelopen weken.

Bezoek delegatie aan Brussel 2010

Foto: © Indianen in Brasil

Weken waarin de delegatie nauwelijks zon zag en het ijskoud was met veel sneeuw. Voor bijvoorbeeld Anastácio de eerste keer in zijn leven. Maar hij miste de zon: “we zijn kinderen van de zon en het is moeilijk om zonder zon nog door te gaan.” Toch lukte het hem om telkens weer het verhaal van zijn volk te vertellen, met verve en met alle bereidheid om vragen te beantwoorden.

Delegatie

De delegatie uit Brazilië bestond uit Anastácio Peralta, Egon Heck (CIMI), Jônia Rodrigues (FIAN, FoodFirst Information and Action Network, Brasil), Verena Glass (Reporter Brasil). Ze ging op bezoek in Oslo, Brussel, Weimar, Berlijn en Wenen.
De reis was bedoeld als ondersteuningvoor de organisaties die de kwestie van de Guarani in Europa onder de aandacht brengen.
Daarnaast vonden er ontmoetingen plaats met het Europees Parlement, Duitse parlementsleden en de Braziliaanse ambassade in Berlijn.
Belangrijk om deze politieke organisaties te informeren over de situatie van de Guarani.

Steungroep Indianen in Brasil

Onze eigen Steungroep ontmoette de delegatie in Brussel, alwaar we een persconferentie bijwoonden. We zijn verheugd om de delegatie te zien en te spreken en zij zijn minstens zo verheugd om ons, vrienden, bondgenoten in hun strijd, te ontmoeten.
Wij kunnen ook nog een kleine financiële bijdrage leveren aan de reis van de delegatie, bij elkaar gespaard door de verkoop van onze verjaarskalenders.

Persconferentie

Anastácio vertelt over de situatie waarin zijn volk leeft: het opeen gepakt zitten op kleine stukjes land, de ondervoeding van kinderen, de zelfmoord van jongeren die geen perspectief zien, de verdwijning van twee jonge docenten waarvan er eentje later dood gevonden wordt, de juridische processen die al jarenlang stil liggen enzovoort. Erbarmelijke omstandigheden en de Braziliaanse overheid reageert nauwelijks.

Jônia van FIAN geeft aan dat de situatie van de Guarani de meest vergaande schending van de mensenrechten is die zij ooit is tegengekomen. Het moet niet kunnen dat er kinderen dood gaan van de honger in een land zoals Brazilië, waar de economie de laatste jaren voortdurend groeit en een land dat internationaal zo goed staat aangeschreven. Ze onderschrijft haar verhaal met cijfers: op dit moment zijn 76 kinderen van de Guarani in de deelstaat Matto Grosso do Sul ondervoed, de babysterfte bij de Guarani is 48 op de 1000 (bij de Brazilianen is dat 23), en de levensverwachting van de Guarani is gemiddeld 45 (bij de Brazilianen is dat 74). Schokkende cijfers.

Verena van Reporter Brasil vertelt over onderzoek dat Reporter heeft gedaan naar slavenarbeid: tussen 2003 en juli 2010 zijn er 9252 arbeiders bevrijd uit omstandigheden die te vergelijken zijn met slavenarbeid. In Matto Grosso do Sul zijn veel indianen, Guarani, werkzaam in de fabrieken die ethanol vervaardigen. Vaak ook onder slechte omstandigheden. Volgens Verena wordt er op dit moment in Matto Grosso do Sul het meest geïnvesteerd door multinationals op het gebied van biobrandstoffen.

Egon van CIMI sluit af met het schokkende bericht dat op dit moment 95% van de Guarani afhankelijk is van voedselpakketten. Een sterk inheems volk, niet meer in staat om voor zijn eigen voedsel te zorgen. En dit is de verantwoordelijkheid van de Braziliaanse overheid én van de internationale gemeenschap.

Bron: Eigen bericht van Indianen in Brasil

top

Internationale Mensenrechtendag 2010 - Nieuwe filmpjes belichten benarde situatie Guarani-Indianen

10 december 2010

Bezoek delegatie aan Brussel 2010

Foto: © Fiona Watson/Survival International

Het filmpje ‘Verlies de moed niet’ (met Nederlandse ondertiteling) onthult de vastberadenheid van de Guarani om hun land terug te winnen. Het land is van hen gestolen om plaats te maken voor veehouderijen, soja- en suikerrietplantages.

In het filmpje ‘Ingehuurde schutters’ uiten de Guarani hun woede en bezorgdheid over de gewapende mannen die op hen schieten. Ze zijn ingehuurd door veeboeren die het land van de Guarani hebben ingenomen.

Een Guarani-vrouw vertelt: ‘Stel u voor: constant vliegen de kogels je om de oren… ’s Nachts zouden ze een kind kunnen raken, of een vrouw, of wie dan ook’.

Veel Guarani, waaronder ook de internationaal erkende leider Marcos Veron, zijn vermoord nadat ze terugkeerden naar hun voorouderlijk land.

Duizenden Guarani leven nu in erbarmelijke omstandigheden in geïmproviseerde kampen langs de kant van doorgaande wegen of in één van de overvolle reservaten. Vorige maand beschreef Deborah Duprat, adjunct-procureur-generaal van Brazilië, het Dourados reservaat als 'misschien wel de grootste tragedie betreffende inheemse volkeren in de hele wereld'.

Deze week beschreef bisschop Kräutler, winnaar van de Alternatieve Nobelprijs, de situatie van de Guarani als een ‘voort durende wrede genocide’ die de regering ‘negeert… terwijl het zich voor hun ogen voltrekt’.

Een vertegenwoordiger van de Guarani, Anastácio Peralta, is op dit moment in Europa. Hij stelt er hun kritieke situatie aan de kaak: “Ze hebben ons land gestolen, ze hebben de natuur vernietigd, ze hebben onze rivieren vervuild, ze hebben onze grond bevlekt met het bloed van mijn mensen. Maar het is ze niet gelukt om onze taal, ons gebed, onze cultuur, onze geschiedenis en onze weerstand te vernietigen”.

In augustus tekende het Brits-Nederlandse olieconcern Shell met een van de grootste ethanolproducenten in Brazilië een overeenkomst ter waarde van $12 miljard voor de productie van biobrandstof uit suikerriet. Een deel van het suikerriet van dit bedrijf wordt echter verbouwd op land dat officieel toebehoort aan de Guarani.

Stephen Corry, directeur van Survival International, zei vandaag: “Op deze Dag van de Mensenrechten leven er nog altijd Guarani-Indianen zonder toegang tot schoon water in hutjes van zeildoek langs de kant van snelwegen. Anderen zitten gevangen te midden van de eindeloze suikerrietplantages, met haast niets te eten. De Braziliaanse autoriteiten moeten de toekomst van de Guarani verzekeren door hen het fundamentele recht te garanderen om te mogen leven op hun voorouderlijk land”.

Eerder dit jaar verstuurde Survival International een rapport naar de Verenigde Naties dat de bedreigingen die de Guarani ondergaan belicht, waaronder geweld, zelfmoord en ondervoeding.

Bron: Survival International - www.survival-international.nl

top

Verzet tegen Belo Monte stuwdam gaat verder

1 december 2010

De Gesellschaft für bedrohte Völker (GfbV) samen met milieuorganisatie KANINDE en 12 ngo’s eisen de onmiddellijke stop van de bouw van de gigantische Belo-Monte stuwdam.

Indianen demonstrerentegen Belo-Monte dam

Foto: © Reuters

Op 1 december 2010 brachten de internationale organisatie GfbV in Zwitserland en 12 Braziliaanse en internationale organisaties (ngo's)een persbericht uit dat ze bovenstaande eis ingediend hebben bij het Openbaar Ministerie van de deelstaat Pará.

Uit onderzoek – zo zeggen zij - blijkt dat het leven van de inheemse volken in de regio Xingo groot gevaar gaat lopen als de dam er komt. Ook inheemse groepen die voor een geïsoleerd bestaan kiezen raken in nood. Onderzoekster Rebecca Sommer stelt vast dat de stuwdam het begin is van een breed geplande industrialisering van dat deel van het Amazonegebied. Over de plannen van de regering zijn de volken niet naar behoren geïnformeerd, nog minder is hun mening gevraagd. Brazilië heeft zich evenwel hiertoe in internationale verdragen (ILO en VN) verplicht en schiet dus schromelijk te kort.

Een oppervlakte van 500 vierkante km zou onder water komen te staan en allerlei grootbedrijven hebben al claims ingediend voor 63% van het gebied daarom heen om naar bodemschatten te kunnen graven.

Bron: Gesellschaft für bedrohte Völker (GfbV) - www.gfbv.ch

top

Braziliaanse bisschop, winnaar Alternatieve Nobelprijs, veroordeelt de ‘voort durende genocide’ van de Guarani Indianen

7 december 2010

De katholieke bisschop Erwin Kräutler heeft de Right Livelihood Award, beter bekend als de ‘Alternatieve Nobelprijs’, in ontvangst genomen voor zijn werk op het gebied van de bescherming van de rechten van Braziliaanse inheemse stammen.

Foto Bisschop Krautler op demonstratie.

Foto: © Prelazia do Xingu

Gisteren werd hij tijdens de uitreikingsceremonie in het Zweedse parlement onderscheiden ‘voor zijn levenslange inzet voor de mensenrechten en de bescherming van inheems grondgebied en voor zijn onvermoeibare inspanningen om het Amazonewoud te behoeden van de ondergang’.

In een krachtige aanvaardingsspeech legde bisschop Kräutler de nadruk op de ‘pijn, wanhoop en onzekerheid’ van de Guarani Indianen. “Hun leefgebied is beperkt tot kleine gebieden, hun jongeren hebben geen toekomstperspectief en het aantal zelfmoorden onder hen is onrustbarend hoog... De huidige regering negeert deze voortdurende wrede genocide die zich voor hun ogen voltrekt.”

Bisschop Kräutler vecht al jarenlang voor de rechten van de Indianen in de Xingu regio van het Braziliaanse Amazonegebied, die nu bedreigd worden door de aanleg van de Belo Monte megadam.

De bisschop beschreef Belo Monte als ‘een project dat nooit rekening heeft gehouden met de legitieme rechten en voornaamste zorgen van de Xingu bevolking’. Inheemse volken ‘weten heel goed dat ze niet kunnen overleven als men geen respect toont voor Amazonia en door blijft gaan met de verwoesting ervan. En ze weten dat het gevolg van deze wrede afbraak is, dat de Aarde schade zal lijden die niet meer ongedaan gemaakt kan worden. Dit wordt de echte Apocalyps’.

Hij verklaarde dat "het voornaamste probleem [in het Amazonegebied] te maken heeft met eigendom en gebruik van land", en dat "geweld op het platteland samenhangt met de ongelijke bezitsverhoudingen en de meest schandelijke straffeloosheid die criminelen ten deel valt. Ze moorden en er gebeurt niets !"

Survival Internationals directeur, Stephen Corry, zei vandaag: “Bisschop Kräutler zet stelselmatig zijn leven op het spel door op te komen voor de Braziliaanse Indianen. Zij hebben vrienden zoals hij nodig, net zoals de kerken meer mensen zoals hij nodig hebben om de traditie van het zich inzetten voor de onderdrukten voort te zetten. Dat hij de Alternatieve Nobelprijs heeft gewonnen is een fantastische blijk van waardering voor een grootse miskende held.”

Bisschop Kräutler is bisschop van de Xingu regio en voorzitter van de Indigenist Missionary Council (CIMI) van de katholieke kerk in Brazilië.

Eerdere winnaars van de Right Livelihood Award zijn Survival International en de organisatie van de Bosjesmannen First People of the Kalahari.

Bron: Survival International - www.survival-international.nl

top

Verslag dag 3 Derde Continentale Bijeenkomst Guarani-volk

19 november 2010

Door: Cléymene Cerqueira en Paul Wolters

Guarani-Bijeenkomst-dag-1-foto-1-2010.

Slotdocument

Vrijdag 19 november 2010 werd de bijeenkomst afgerond. De laatste discussies. Het opstellen en goedkeuren van het slotdocument. Daarna werd dit aangeboden aan president Lugo (van Paraguay).
Hij belooft het document grote prioriteit te geven wanneer Paraguay voorzitter zal zijn van de Mercosur (samenwerkingsverband van Argentinië, Brazilië, Paraguay and Uruguay).

Tijdens de afsluitende ceremonie werd het slotdocument gezegend en werden er door de religieuze leiders van de Guarani liederen gezongen en gebeden gezegd.

Het is een emotioneel en waardig moment.

Belangrijke resultaten:

- De oprichting van de Latijns-Amerikaaanse Raad van de Guarani Natie, met als belangrijkste doel de onderlinge samenwerking, de solidariteit en de organisatie te versterken, om de rechten te verwezenlijken en autonomie op te bouwen in hun territoria.
- Het belang vaststellen van en de taak opnemen om te gaan werken aan meer bewustwording mbt de Guarani Natie, met haar wereldbeeld en levensproject, uitgaande van haar identiteit en cultuur.

Uit het slotdocument:

Asunción, Paraguay, 15-19 november, 2010

Wij, vertegenwoordigers van verschillende inheemse organisatie van de Guarani Natie van Argentinië, Bolívia, Brazilië en Paraguay, zijn bijeen in Assunción in Paraguay en bespreken het thema ‘Land/Territorium, Autonomie en Bestuursvorm. Daarbij laten we ons hart leiden door de wijze woorden van onze voorouders, vrouwen en mannen, en proberen in eendracht - zoals bij onze traditie past - de ontwikkelingen van vandaag uitvoerig en diepgaand te bespreken en te begrijpen. Aan de landelijke en internationale overheden en alle burgers willen wij onze gedachten in de volgende woorden meedelen.

OVERWEGENDE:

- Dat de Guarani Natie altijd een territoriale ruimte in bezit heeft gehad: "Yvy maraê'y" , ofwel: “Het Land zonder Kwaad”, dat nationale grenzen overschreed;
- Dat in ons wereldbeeld een deel van onze duizendjarige culturen, namelijk vuur, lucht, land en water, een eenheid vormen en dat zij cruciale elementen voor het leven vormen. Onze grond is heilig voor het leven voor onze volken;
- Dat de Guarani Natie vanuit haar wereldbeeld altijd heeft geprobeerd om confrontaties te vermijden met degenen die zich ons grondgebied hebben toegeëigend, en dit meestal met geweld;
- Dat sedert de afbakening van de nationale grenzen de Guarani Natie geopolitiek versnipperd en verdeeld is in etnische groepen, gemeenschappen, dorpen en families; dat deze situatie haar spirituele, culturele en taalkundige uitbouw ernstig verzwakt heeft;
- Dat de transnationale ondernemingen, met de steun van de verschillende regeringen, de gebruikelijke en collectieve rechten van de Guaraní Natie niet respecteren, waarbij ze gebieden vernietigen en gemeenschappen van hun grond verjagen;
- Dat de verschillende regeringen niet voldoen aan de gerechtvaardigde eisen van de Guarani Natie, dit ondanks het bestaan van nationale en internationale normen ter bescherming en bevordering van de rechten van inheemse volken, zoals het ILO-Verdrag 169, de VN-Verklaring en de nationale wetten en grondwetten (volgen voorbeelden uit verschillende landen );
- Dat er talloze gemeenschappen in mensonwaardige omstandigheden leven, zonder fysieke veiligheid, gezondheid en voeding;
- Dat door de voortdurende en massale vernietiging van natuurlijke hulpbronnen door transnationale bedrijven de kwaliteit van het bos verslechtert in Guarani grondgebied in Argentinië, Bolivia, Brazilië en Paraguay en onherstelbare schade wordt toe gebracht; dat de Guaranu te leiden hebben van de klimaatverandering waarvoor ze niet verantwoordelijk zijn;
- Dat de bouw van de waterkrachtcentrales Itaipu en Yaceretá op Guaraní grondgebied, zonder raadpleging van onze natie, onherstelbare milieuschade aanricht, en de territoriale, culturele en religieuze rechten van de Guarani Natie schendt.

EISEN WIJ:

- Van de regeringen van Argentinië, Bolivia, Brazilië en Paraguay de erkenning van de Guarani Natie als een grensoverschrijdend territorium; om deze reden moeten dezelfde rechten op gezondheidszorg, onderwijs en werk gelden in de vier landen;
- Van de regeringen van Argentinië, Bolivia, Brazilië en Paraguay de erkenning in de grondwet van de Universele Verklaring van de Rechten van Inheemse Volken en van het ILO-Verdrag 169;
- Het stoppen met het overdragen aan transnationale ondernemingen van grondgebied van de Guarani Natie, om het te exploiteren en te verwoesten (Voorbeelden van Misiones/Argentinië, Mato Grosso do Sul, stuwdammen + internationaal toezicht en bemiddeling) ;
- Dat de transnationale ondernemingen de milieunormen respecteren en de massale vernietiging van natuurlijke hulpbronnen vermijden;
- Dat de landen waar het grondgebied van de Guarani ligt begrijpen dat dit gebied en de landrechten onvervreemdbaar zijn.

BESLUITEN WIJ:

TEN EERSTE - Het land en het grondgebied zijn onvervreemdbare rechten van de Guarani Natie; zij zijn het leven van onze wereldbeelden; voorwaarde dat het ons mogelijk maakt om vrij en autonoom te zijn : "IYAMBAE.

TEN TWEEDE - Het consolideren van onze organisatie in elk land met Guaraní aanwezigheid om onze eisen als Guaraní Natie te bereiken.

TEN DERDE – Een LatijnsAmerikaanse Raad van de Guaraní Natie is opgericht om in samenwerking in Argentinië, Bolivia, Brazilië en Paraguay onze eisen te versterken en daarmee onze economische, sociale en politieke ontwikkeling.

TEN VIERDE - Participeren in alle democratische overlegorganen in Argentinië, Brazilië en Paraguay en dit volgens onze gewoonten en tradities als Guaraní Natie,om op deze wijze onze eisen bij de hoogste politieke instanties te brengen.

TEN VIJFDE – Wij roepen iedereen op die deelt in het gedachtegoed en het gevoel van de Guarani Natie om mee te doen in deze strijd: nationale en internationale NGO's, sociale bewegingen en anderen; om mee te helpen bij het indienen van voorstellen en projecten die de etnisch-culturele rechten en de gewoonten van de Guarani bevorderen.

TEN ZESDE – Wij verklaren ons in permanent verzet tegen de schendingen en alle vormen van onderdrukking die plaatsgevonden hebben op ons grondgebied als Guarani Natie.

. TEN ZEVENDE - We sluiten ons aaneen bij de verdediging van onze moeder aarde, geconfronteerd met de toenemende besmetting van het milieu, veroorzaakt door de exploitatie van delfstoffen en door stuwdammen.

Dit is wat wij denken, voelen en zeggen over onze collectieve rechten en de verplichtingen die de landen die thans ons grondgebied bezetten hebben met de Guarani Natie. Daarbij hopen wij dat we in harmonie en vrijheid kunnen samenleven , zoals de gedachten waren van onze heldhaftige voorouders.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Verslag dag 2 Derde Continentale Bijeenkomst Guarani-volk

18 november 2010

Door: Cléymene Cerqueira en Paul Wolters

Guarani-Bijeenkomst-dag-1-foto-1-2010.

“Land en Territorium”: centraal thema tweede dag

Bartomeu Melia, die meer dan vijftig jaar de Guarani-cultuur bestudeerde, was de inleider op de tweede dag, waar het thema ‘ Land en Territorium’ op het programma stond. Daarbij de verschillende manieren om te strijden voor het herstel van het Guarani-volk.

Voordat Melia kon beginnen, werden de Argentijnse en Boliviaanse delegaties welkom geheten die ’s nachts waren aangekomen.

“Plaats waar we kunnen zijn wie we zijn”

Melia, die als onderzoeker verbonden is aan het Centrum voor Paraguayaanse Studies Antonio Guasch en aan het Instituut voor Filosofie en Humanistische Studies, begon kort uit te leggen wat het verschil is voor de Guarani tussen de termen "land" en “territorium/grondgebeid”. Veel mensen halen de woorden door elkaar. ‘Land’ is iets dat onmisbaar is; zonder land kun je niet spreken over ‘territorium/grondgebied’, een concept dat breder is: het is de plaats waar je plant, dieren houdt en je huis bouwt.. ‘Territorium’ is de plek waar we kunnen zijn wie we zijn, zo stelt hij.

Deze plek is absoluut onmisbaar, wil de Guarani zijn geschiedenis opbouwen en zijn tradities beleven. De Guarani spreekt over deze plek als de ‘teko’, het dorp “waar wïj culturen zijn”. Het heeft te maken met geografie, ongerepte bossen, met water, bronnen en beken, waar je kunt vissen en jagen, en vooral waar je kunt planten.

In verschillende landen hebben we grote stukken grond, grote dorpen; maar dat zijn nog geen ‘territoria’. Vaak is er geen enkel stukje bos en hout om te kunnen koken. Hoe zouden de Guarani hun tradities en rituelen kunnen beleven, hun vieringen houden zonder hun tekohás? Daar zit het grote verschil tussen ‘land’ en ‘territorium’, zo zei Melia.

Het geheugen als instrument voor de strijd

Meliá wijst op het belang van de herinnering en mondelinge geschiedenis voor de strijd van de Guarani. Zonder herinnering bestaat er geen tekohá en zelfs geen geschiedenis. Voor de rechtbank, op het moment dat afbakening van de grond op het spel staat, is het noodzakelijk om argumenten te hebben die historisch zijn, te tonen dat wij Guarani zijn.

Melia sprak verder over het belang van de orale tradities, verhalen van vroeger en vandaag. Dit geheugen gaat over het verleden en over de toekomst: “als wortels die in de grond zitten en zorgen dat de boom vruchten voortbrengt”. De ontwikkeling van dit geheugen brengt de toekomst voort en het aanpakken van de problemen.

Drie grote veranderingen

Bartomeu Meliá wijst op drie belangrijke veranderingen in de recente geschiedenis van het Guarani-volk. Deze veranderingen begonnen met de aankomst van de "anderen", de niet-Guarani, die in de afgelopen 50 jaar hun grondgebied bezetten. Ze verjagen de Guarani om er zelf te gaan wonen.

De tweede grote verandering treedt op in de economie. Voorheen leefden de Guaraní voornamelijk van de landbouw in een systeem van wederkerigheid (uitwisseling van goederen). Met de komst van nieuwe steden en van bedrijven, worden de Guarani goedkope arbeidskrachten en loonarbeiders. De natuur, waar voorheen gevist en gejaagd werd om te kunnen eten, verandert in terrein waarmee geld te verdienen valt. Zo verschijnen de grote plantages, de monocultuur en de agrobusiness. Met soja, suikerriet, eucaliptus of simpelweg grasland voor het vee. Voor de inheemse bevolking, van haar grond verjaagd, betekenen ze fabrieken van armoede. Het geld verschijnt en de banken.

De derde verandering heeft ook te maken met de economie, maar betreft specifiek het distributiesysteem. Er is geen wederkerigheid, uitwisseling en gift meer (in de zin van het doen van dingen zonder iets terug te verwachten). Nu heeft volgens Meliá, een systeem van wraak de overhand: "Jij pakte van mij, dus pak ik van jou. Ik geef je mijn arbeid, jij mij het loon."

De deelnemers stelden hun vragen en gingen vervolgens in groepen verder met thema’s die met de inleiding te maken hadden. De dag werd afgesloten met een viering en een feestavond die voorbereid was door de delegatie uit Argentinië.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Verslag dag 1 Derde Continentale Bijeenkomst Guarani-volk

17 november 2010

Door: Cléymene Cerqueira en Paul Wolters

Guarani-Bijeenkomst-dag-1-foto-1-2010.

Dans, vreugde en gebeden tot de god Ñanderu markeren het begin van de IIIde LatijnsAmerikaanse Bijeenkomst van het Guarani-Volk in het Metropolitane Seminarie van Asuncion, Paraguay. Het thema van de bijeenkomst is "Land, het gebied, autonomie en bestuur". Ongeveer 350 Guarani van Brazilië, Argentinië, Bolivia en Paraguay nemen deel. Het evenement loopt tot en met vrijdag 19 november.

Na de inleidende rituelen voor het evenement worden de aktes van de twee vorige bijeenkomsten voorgelezen. Deze werden in 2007 en 2008 in Rio Grande do Sul (Br.) gehouden.

De bijeenkomst is een initiatief om meer cohesie en samenwerking te krijgen tussen de Guarani-gemeenschappen verspreid over de vier landen. Dit is hard nodig, gezien de dramatische situatie van de meeste van hen.

Dramatisch

De algemene doelstelling van de bijeenkomst is de realisering van de rechten van de inheemse bevolking, die in de nationale grondwetten en ook in internationale verdragen vastgelegd zijn. In verdragen - zoals van de ILO - die ook door dezelfde landen geratificeerd werden. Het probleem is dat deze wetten niet in praktijk gebracht worden. De strijdvlag van de inheemse beweging is daarom: het waarborgen van de rechten op hun traditionele gronden.

"Het belangrijkste doel voor deze bijeenkomst is een betere coördinatie op continentaal niveau," vertelt Bernardo Bendites Rivarola (of Karaipoty in het Guarani). Hij is docent van de inheemse cultuur in een Guarani-dorp in de buurt van de Paraguayaanse hoofdstad Assunción,. Net als in de andere landen houdt de Paraguayaanse overheid zich niet aan nationale en internationale wetten, waaronder die met betrekking tot de afbakening van de grondgebieden. "Veel gemeenschappen vechten voor hun traditionele gronden. Bijvoorbeeld wijzelf: wij vechten voor gebiedsuitbreiding, want we leven met veertig families op een terrein van anderhalve hectare." .

Vernietigd

De afgelopen vijftig jaar wekte het traditionele land van het Guarani-volk de hebzucht van grote ondernemers en grondeigenaren. Deze namen het land in bezit en de Guarani werden er goedkope arbeidskrachten. Het Guarani-grondgebied is vandaag bijna volledig verwoest door grote sojaplantages, suikerriet en eucalyptus. Het wordt ook nog eens bedreigd door grote infrastructurele werken, zoals hydro-elektrische dammen.

Strijd

Hoewel de Guaraní in de verschillende landen vaak in een vijandige en onmenselijke omgeving moeten leven, zoals bijvoorbeeld de Guarani Kaiowá van Mato Grosso do Sul in Brazilië van wie er velen zomaar langs de weg bivakkeren, hebben ze een groot potentieel om zich te herorganiseren en ze versterken hun dagelijkse strijd om hun traditionele gronden en hun rechten.

Voor Toribio Gomez uit Itapua in Rio Grande do Sul is dit soort continentale bijeenkomsten zeer belangrijk. "Deze bijeenkomsten helpen ons om onze strijd steeds op te voeren. Hier zullen we praten over hoe we elkaar kunnen helpen, elkaar versterken. Als we samen vechten met de hele Guaraní-gemeenschap, kunnen we de strijd winnen. Wij willen ons land terug, met bossen en alles, met schoon water. "

Guarani-Bijeenkomst-dag-1-foto-1-2010.

Belangrijkste onderwerpen

Tijdens de bijeenkomst zullen onderwerpen besproken worden zoals land /gebied; strategieën voor herstel en het bouwen aan een nieuw bestaan; zelfbeschikking: de rechten van de inheemse volken; inheemse territoria: soevereiniteit en zelfbeschikking voor de inheemse volken; juridische instrumenten om het land te verdedigen; zelfbestuur en bestuursvorm voor de Guarani; historische antecedenten van de Guarani- natie; autonomie en politieke participatie vanuit het wereldbeeld van de Guaraní in Bolivia; samenwerking binnen de Guarani-natie wonend in de verschillende landen.

Cultuur

Op dit moment zijn de delegaties aangekomen uit Brazilië (de Guarani Mbyá en de Ava Guaraní uit het zuiden; de Guarani Kaiowá en Ñandeva uit Mato Grosso do Sul; uit Paraguay (de Guaraní Ñandeva, de Ava Guarani, de Mbyá, de Paî, de Ache en de West-Guarani). De delegaties uit Argentinië (de Mbyá, de Ava Guarani en de Chane) en uit Bolivia de West-Guarani moeten nog arriveren.

Morgen vindt met een presentatie de officiële opening plaats, waar ook de bekende inheemse jezuïet Bartolomeu Melia een toespraak zal houden over “Grond/Territorium: strategieën voor herstel en het bouwen aan een nieuw bestaan.”

Elke avond zullen de deelnemende delegaties culturele bijeenkomsten organiseren waar ze met hun verwanten hun culturele tradities delen.

Guarani-Bijeenkomst-dag-1-foto-1-2010.

Ondersteuning

De bijeenkomst wordt mede mogelijk gemaakt door de volgende ondersteunende organisaties: CIMI-Brazilië, CONAPI (Inheemse Pastorale Dienst – Paraguay), ENDEPA ( Inheemse Pastoraat - Argentinië) en PAR (Netwerk van Organisaties ter ondersteuning van Inheemse Volken).

Geschiedenis

De Eerste Latijns Amerikaanse Bijeenkomst van de Guarani werd gehouden ter gelegenheid van de sterfdag 250 jaar geleden van de dood van Sepe Tiaraju en zijn vijftienhonderd soldaten. Deze grote Guaraní-leider verzette zich tegen de bezetting en de daaropvolgende verdeling van het land tussen Spanjaarden en Portugezen. Sepe Guarani viel in de strijd en werd zo een icoon voor latere generaties verzetsstrijders. Pas sinds kort wordt hij in Brazilië als een nationale held erkend.

Op de Eerste Bijeenkomst- in São Gabriel in de Braziliaanse deelstaat Rio Grande do Sul - ging de Grote Guarani Campagne van start.

De Tweede Bijeenkomst, in Porto Alegre, eveneens in Rio Grande do Sul, werd een historisch gebeuren. Er namen 800 personen uit Paraguay, Brazilië, Uruguay en Bolívia aan deel. Hoofdthema was: “Terra e Território Ywy Rupá” : hoe het Guarani-grondgebied in verschillende staten opgedeeld werd en cultuur, onderwijs en spiritualiteit uiteenviel.

Op deze Tweede bijeenkomst startte de internationale campagne: Guarani-Volk - een Groot Volk; Leven, Grond en Toekomst.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Overwinning Tupinikim en Guarani

8 november 2010

Maandag 8 november 2010 werd na jarenlange strijd de officiële goedkeuring (homologatie) gepubliceerd van de inheemse gebieden Comboios en Tupiniquim, gelegen in de gemeente Aracruz in de deelstaat Espirito Santo. In dit gebied wonen Tupinikim- en Guarani-indianen.

Het inheemse gebied Tupiniquim heeft een oppervlakte van ruim 14.200 hectare, Comboios telt meer dan 3.800 hectare.

Het zijn dit jaar de eerste inheemse gebieden die officieel goedgekeurd zijn door president Lula.

De gebieden van de Guarani en Tupinikim werden in 1996 door antropologische studies van de FUNAI (de overheidsinstantie voor inheemse kwesties) geïdentificeerd met een totaal van 18.000 hectare. In 1998 werd slechts 7.061 hectare afgebakend. Deze vermindering was het gevolg van een zet van het bedrijf Aracruz Cellulose. Aracruz had een afspraak gemaakt met de inheemse bevolking over compenserende maatregelen. Dit is volgens de Grondwet niet mogelijk.
Hierna volgde een lange strijd tussen de inheemse volken en het bedrijf Aracruz Cellulose, waar internationale druk (ook vanuit Nederland) van groot belang is geweest.

In januari 2006 worden de indianen op gewelddadige wijze door de federale politie, ondersteund door mensen van Aracruz Cellulose, van hun land verwijderd. Aracruz Cellulose plaatst vraagtekens bij de etnische identiteit van de Tupinikim en Guarani.

Maar de FUNAI blijft bij zijn eerdere besluit en stuurt het advies voor afbakening door aan de toenmalige minister, Márcio Thomaz Bastos. Zes maanden later stuurt de minister de zaak terug naar de FUNAI met het verzoek om tot een schikking te komen tussen de partijen.

In juli 2006 keren de indianen terug naar hun eigen land en bouwen hun dorpen weer op waarna de minister van Justitie in augustus 2007 dan eindelijk de verklaring ondertekent dat het inheems land,18.027 hectare, toekomt aan de Guarani en Tupinikim.

En nu, drie jaar na de administratieve beslissing, is het land van de Tupinikim en Guarani dan ook eindelijk door de president goedgekeurd.

Lees hier meer over de zaak Aracruz.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Derde Continentale Bijeenkomst Guarani-volk met Nederlandse steun

5 november 2010

Van 15 tot 19 november 2010 komen Guarani-indianen uit Paraguay, Brazilië, Argentinië en Bolivia voor de derde keer bijeen ditmaal in Asunción, de hoofdstad van Paraguay. Het thema is: “Land, Territorium, Autonomie en Bestuur”.

Guarani-Bijeenkomst-2010.

Het Guarani-volk leeft verspreid over de genoemde vier landen en telt tussen de 300.000 en 400.000 mensen. Er leven ook Guarani-groepen in Uruguay en Bolívia. In al deze landen worden zij achtergesteld en, zoals bijvoorbeeld in Brazilië, onderdrukt.

De eerste continentale bijeenkomst van de Guarani vond plaats in 2006 en was bedoeld om te zoeken naar overeenkomsten en samenwerking tussen de verschillende gemeenschappen. De Guarani hopen dat zij door internationale samenwerking de uitvoering van de rechten van de inheemse volken, zoals vastgelegd in nationale grondwetten en internationale verdragen, beter kunnen afdwingen. Hun centrale eisen daarbij zijn het historische recht om te leven op hun eigen traditionele land, en dat hun sociale en culturele ontwikkeling gewaarborgd blijft. Daarnaast de eisen dat de betrokken landen een goed overheidsbeleid voor de inheemse volken opzetten en implementeren.

Bij de bijeenkomst worden 400 Guarani-indianen verwacht uit Argentinië, Brazilië, Bolivia en Paraguay.

Nederlandse steun

Deze Derde Vergadering wordt georganiseerd door:

  • de Eerste Nationale Coördinatie van Pastorale Inheemse Organisaties CONAPI (Paraguay),
  • het Nationale Team van Pastorale Inheemse Organisaties ENDEPA (Argentinië),
  • de Missionaire Organisatie voor Inheemse Volken CIMI (Brazilië) en
  • het Netwerk van private instellingen voor diensten aan Inheemse Volken (Paraguay).

De bijeenkomst wordt financieel ondersteund door UNICEF en MISEREOR (Duitsland). Ook de Nederlandse organisatie Mensen met een Missie en de Nederlandse ambassade in Brazilië dragen een aanzienlijk bedrag bij. Met deze bijdrage kan ook een delegatie van de Guarani-Kaiowá-indianen uit Mato Grosso do Sul (Brazilië) aan de bijeenkomst deelnemen.

De Nederlandse ambassade heeft in 2009 ondermeer ook de campagne website www.campanhaguarani.org.br gefinancierd, die vorig jaar op 13 december door de Nederlandse ambassadeur, mr. Kees Rade, werd gelanceerd in het Guarani- Kaiowá-dorp Te’ Ykue.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Alternatieve Nobelprijs 2010 voor
‘Stem van de Indianen van Brazilië’

(Gesellschaft für bedrohte Völker (GfbV) feliciteert bisschop Erwin Kräutler)

30 september 2010

De ontwikkelingsorganisatie Gesellschaft für bedrohte Völker (GfbV) feliciteert bisschop Erwin Kräutler, de voorzitter van CIMI - het pastoraat voor inheemse volken, met de Right Livelihood Award, ook wel de Aternatieve Nobelprijs genoemd.
Hij krijgt deze prijs "voor zijn levenslange en onvermoeibare inzet voor de mensenrechten van inheemse volkeren in Brazilië en voor de bescherming van de Amazone".

Dom Erwin Krautler.

Foto: © Kath. Kirche Voralberg

"We verheugen ons om bisschop Kräutler en CIMI, de belangrijkste stem van de Braziliaanse Indianen", zegt Yvonne Bangert, GfbV-secretaris: "Het is aan hem te danken dat in 1988 de fundamentele rechten van de inheemse bevolking in de grondwet van Brazilië werden opgenomen. Hij heeft tijdens zijn jarenlange inzet ook persoonlijk risico’s niet gemeden.

De prijs is een langverwachte erkenning van de onbaatzuchtige inzet van bisschop Kräutler voor de mensenrechten van de meest kwetsbare mensen in de Braziliaanse samenleving. De GfbV heeft CIMI in 2009 voor zijn “voorbeeldige toewijding” aan de oorspronkelijke bewoners van Brazilië ook de Victor-Gollancz-prijs voor de mensenrechten uitgereikt. CIMI is een partnerorganisatie van GfbV.

"Sinds 1980 is Kräutler bisschop van het bisdom Xingu en laat hij zijn onmiskenbare stem voor het Inheemse verzet tegen de Belo Monte-dam in de Xingu-rivier horen. Met deze dam zou zo'n 500 vierkante kilometer bos en landbouwgrond en een derde van de stad Altamira overstroomd worden.
Vanaf het begin van de strijd heeft de 71-jarige Kräutler gevochten tegen de vernietiging van het unieke natuurlandschap van het Xingu-bekken, dat loopt van de bron in de staat Mato Grosso, door de staat Pará tot de monding in het Amazonegebied, en de thuishaven is van zo'n 25.000 indianen.

Erwin Kräutler werd in 1939 in Oostenrijk geboren en studeerde van 1959 tot 1965 theologie en filosofie in Salzburg. Sinds november 1980 is hij bisschop van het gebied Xingu. Met ongeveer 368.086 km2 en een bevolking van 500.000 is dit in oppervlakte het grootste Braziliaanse bisdom, met meer dan 8.000 inheemse volken (Kayapó, Asurini, Araweté, Parakanã, Xipaia-Curuaia en Arara). Met zijn inzet voor de mensenrechten van inheemse volken in Brazilië maakte hij vijanden en ontsnapte meerdere malen aan moordpogingen. Al jaren ontvangt hij 24 uur per dag bescherming van de politie.

Bron: Gesellschaft für bedrohte Völker (GfbV) - www.gfbv.de

top

Shell in opspraak vanwege landroof inheems grondgebied

28 september 2010

De Braziliaanse autoriteiten hebben bij Shell hun bezorgdheid geuit over de activiteiten van het Braziliaanse bedrijf waarmee Shell onlangs een samenwerkingsverband is aangegaan. Dit bedrijf produceert biobrandstof op land dat is gestolen van een ernstig verpauperde inheemse volksstam.

Vorige maand tekende Shell met Cosan – een van de grootste ethanolproducenten in Brazilië – een overeenkomst ter waarde van $12 miljard voor de productie van biobrandstof uit suikerriet. Een deel van het suikerriet van Cosan wordt echter verbouwd op land dat officieel toebehoort aan de Guarani.

Een speciale openbare aanklager, die is aangesteld om de grondwettelijke rechten van de inheemse bevolking in Brazilië te verdedigen, heeft Shell gewaarschuwd dat diens betrokkenheid bij de joint-venture ‘afbreuk doet aan de verplichtingen die Shell heeft ten opzichte van duurzaamheid en biodiversiteit’.

De speelfilm ‘Birdwatchers’, die in 2008 in Nederlandse en Belgische bioscopen draaide, bracht het grote publiek op de hoogte van de schrijnende situatie van de Guarani. De gemeenschap van een van de hoofdrolspelers in deze film, Ambrosio Vilhalva, wordt rechtstreeks getroffen door de activiteiten van Cosan.

Vilhalva, over de suikerrietplantages die een groot deel van het land van zijn stam hebben opgeslokt: “De suikerrietplantages betekenen het einde voor de Indianen. Ons land wordt steeds kleiner. De plantages zijn dodelijk voor de Indianen.”

Eerder deze maand bracht de voornaamste deskundige van de Verenigde Naties op het gebied van de inheemse rechten een rapport uit aan de VN Mensenrechtenraad. Hierin gaf hij uitdrukking aan zijn ‘ernstige bezorgdheid over beweringen dat grof geweld wordt gebruikt tegen de Guarani en over de ingrijpende gevolgen voor de Guarani-gemeenschappen van het agressieve regeringsbeleid in het verleden, waarbij grote stukken inheems grondgebied werden verkocht aan niet-inheemse boeren’.

Vrijwel al het land van de Guarani is hen al ontnomen om plaats te maken voor rundveebedrijven, soja- en suikerrietplantages. Als de Guarani proberen terug te keren naar hun voorouderlijk grondgebied worden ze keer op keer geconfronteerd met gewelddadige aanvallen. Hun leiders zijn regelmatig het doelwit van huurmoordenaars en tientallen zijn al vermoord. Bij de Guarani is sprake van één van de hoogste zelfmoordpercentages ter wereld en baby’s sterven aan ondervoeding omdat de stam geen land heeft om gewassen te verbouwen of om op te jagen.

Stephen Corry, directeur van Survival International: “Door Shell dreigt de situatie van de volksstam, die toch al kritiek is, nog verder te verslechteren. Nu Shell weet wat de intenties zijn van diens Braziliaanse partner, hopen we dat het bedrijf niet betrokken wil worden bij de diefstal van het land van de Guarani.”

Survival heeft Shell in een brief geïnformeerd over de activiteiten van Cosan. Die zijn onmiskenbaar in strijd met Shell’s eigen Algemene Beleidsuitgangspunten.

Lees de code van bedrijfsethiek van Cosan.

Download het rapport van Survival aan de VN over de kritieke situatie waarin de Guarani in de Braziliaanse deelstaat Mato Grosso do Sul zich bevinden.

Bron: Survival International - www.survival-international.nl

top

Inheemse gemeenschap in Brazilië belegerd door gewapende bende

15 september 2010

Een omvangrijke groep Guarani Indianen worden in Brazilië gevangen gehouden door gewapende huurlingen in dienst van veeboeren. De gewapende bende heeft de inheemse gemeenschap Ypo’i omsingeld en de aanvoer van voedsel, water en medische hulp afgesneden.

De gewapende mannen begonnen de Guarani te bedreigen toen ze een maand geleden naar hun voorouderlijk land terugkeerden. Dit land wordt bezet en geëxploiteerd door de Triunfo veeboerderij.

De Guarani hebben de politie dringend verzocht hen te helpen en hebben spoedeisende medische zorg nodig. Volgens berichten heeft een team gezondheidswerkers van het federale ministerie van gezondheid geweigerd de belegerde gemeenschap binnen te gaan, naar eigen zeggen wegens ‘veiligheidsproblemen’.

De enige overheidsfunctionarissen die wel toestemming kregen van de gewapende bende om voedselpakketten naar binnen te brengen, waren medewerkers van FUNAI, het Braziliaanse overheidsorgaan voor inheemse zaken.

Survival International heeft een brief geschreven aan de Braziliaanse overheid waarin wij onmiddellijke actie van de politie eisen om de belegering op te heffen.

De Guarani van de Ypo’i gemeenschap maakten in oktober 2009 een eerdere poging om hun land terug te nemen. Ze werden aangevallen en beschoten. Het lichaam van een van de leden van de gemeenschap, Genivaldo Verá, werd later dood en ernstig toegetakeld aangetroffen in een rivier vlak bij zijn voorouderlijk land.

Bron: Survival International - www.survival-international.nl

top

Inheemse beweging volhardt in verzet tegen Belo Monte

28 augustus 2010

Door: Paul Wolters

Donderdag 26 augustus ondertekende de Braziliaanse president Luiz Inacio Lula da Silva het contract van de bouwconcessie voor de Belo Monte-dam. De dam zou gebouwd moeten worden in de Xingu-rivier, midden in het Amazonegebied, en wordt al dertig jaar bevochten door de inheemse beweging, milieuorganisaties en de sociale bewegingen van Brazilië. In de jaren tachtig maakte Kayapó opperhoofd Raoni Metuktire aan de zijde van popzanger Sting wereldwijd furore in de strijd tegen het project. President Lula zelf hield in de jaren negentig nog toespraken tegen de bouw van de dam.

Doodsteek

De protestbeweging heeft onmiddellijk duidelijk gemaakt de ondertekening een belediging te vinden en een overtreding van de grondwet van Brazilië en van internationale verdragen als ILO-conventie 169 en de VN Verklaring over de rechten van de Inheemse Volken. Bovendien beschouwen zij de ondertekening als de doodsteek voor de Xingu-rivier – de enige Amazone rivier die nog geen dammen heeft – en voor de traditionele gemeenschappen. De meer dan vijftig maatschappelijke organisaties die het manifest ondertekenden stelden ook onomwonden dat de presidentiële handtekening geenszins het einde van hun verzet tegen Belo Monte inhield: “Maar dit zal geen einde maken aan het verzet van de inheemse volken, de traditionele riviergemeenschappen, de kleine boeren, die allen vechten voor het behoud van hun leven aan de Xingu en voor alles wat de rivier en het oerwoud betekent voor hen en voor ons: een verzekering voor de toekomst. Schande over de overheid! Belo Monte zal er niet komen!”

Uitsterven

"We maken iets mogelijk wat dertig jaar geleden onmogelijk leek (...) het is een overwinning voor de energiesector", zei Lula in zijn toespraak bij de ondertekening. Daarin heeft hij gelijk. Het is echter maar zeer de vraag of dat iets is om trots op te zijn. Belo Monte bestaat uit superlatieven, in grootte, in investeringen, in logistiek, maar helaas ook wat betreft de impact.
Mocht de Belo Monte dam gebouwd worden, dan zou het in grootte de derde van de wereld zijn, na de Drie Kloven-dam in China en de Itaipu-dam op de grens van Brazilië en Paraguay. Volgens de officiële plannen zullen tussen de 20.000 en 30.000 mensen gedwongen worden te verhuizen, omdat hun huizen onder water komen te staan. Het stuwmeer zal meer dan 600 vierkante kilometer land overstromen. Twee kanalen, 75 kilometer lang, 500 meter breed, zullen het water van de Xingu-rivier omleiden naar de waterkrachtcentrale, waardoor stroomafwaarts 100 kilometer van de beroemde Volta Grande, of Grote Bocht, van de Xingu praktisch droog zal komen te staan. Natuurorganisaties en wetenschappers wijzen op de enorme en niet te overziene schade aan het milieu en aan de biodiversiteit die dit zal veroorzaken. In ieder geval vijftien endemische vissoorten van dit specifieke deel van de rivier zullen zeer waarschijnlijk uitsterven.
De voorlopige milieuvergunning voor de dam werd in februari 2010 onder grote politieke druk verleend door de directeur van het staatsorgaan voor milieu, Ibama, tegen het expliciete negatieve advies van de verantwoordelijke eigen technische commissie in. Enige maanden eerder namen twee Ibama-directeuren ontslag vanwege deze politieke druk.
De inheemse beweging is bang voor de onomkeerbare impact die dit zal hebben op het voortbestaan van de inheemse volken in het gebied. Zij zijn voor hun voeding grotendeels afhankelijk van de visvangst, en ook vormt de rivier de enige vorm van transport. Met het droogvallen van de Volta Grande vallen zowel voedselvoorziening als transportmogelijkheden weg.

Bodemloze put

Het is het Norte Energia consortium dat de dam zal bouwen. De regering Lula heeft het altijd doen voorkomen als dat de privé-sector de dam zou bouwen, maar in de praktijk heeft de overheid een aandeel van bijna 80% in het consortium, via de staatsenergiebedrijven en de pensioenfondsen van staatsbedrijven. Tegenstanders van de dam wijzen er op dat onafhankelijke onderzoeken aantonen dat de dam economisch onrendabel is, en dus een zeer slechte investering vormt. In de praktijk, zo verwachten zij, zal het bouwen van de Belo Monte-dam een bodemloze put voor belastinggeld zijn. Zoals al zoveel grootschalige projecten in Brazilië. Zo is het land nog altijd bezig om de leningen voor de Itaipu-dam af te betalen.
De overheid wuift alle bezwaren weg en wijst op de sociale en milieuvoorwaarden waaraan de bouw van de dam moet voldoen. De geschiedenis van voorgaande infrastructurele werken biedt echter weinig hoop dat hiervan veel terecht komt. Er zijn bijvoorbeeld nog altijd duizenden mensen die hun huis en land kwijtraakten door de bouw van de Tucurui-dam die nog altijd op compensatie wachten. Deze dam werd in de jaren tachtig gebouwd.

Stoomwals

Voor de bouw van de dam zelf kan beginnen, moet er nog een formele horde worden genomen. Het milieu-instituut moet de bouwvergunning nog verlenen. Gezien de manier waarop de regering tot nu toe als een stoomwals door het hele proces gaat, zal dat waarschijnlijk een formaliteit zijn. Maar de sociale bewegingen en ook het Openbaar Ministerie van de deelstaat Pará hebben al aangekondigd dat proces met argusogen te volgen en, waar nodig, rechtszaken aan te spannen.
Overigens hebben de bouwbedrijven al wel om een gedeeltelijke, voorlopige toestemming gevraagd om te kunnen beginnen met de voorbereidende werkzaamheden. Zij hopen al in oktober daarmee te kunnen beginnen.

Krankzinnig

De ondertekening van het contract betekend dus geenszins dat de tegenstanders zich verloren geven, zoals door sommigen wel werd gedacht. "De regering heeft het doodvonnis van de rivier Xingu getekend en duizenden bewoners worden verdreven", protesteren de inheemse en de sociale bewegingen in het manifest dat werd gepubliceerd. Twee weken eerder stelden de deelnemers aan de inheemse bijeenkomst over Belo Monte in Altamira in dezelfde lijn een aangrijpende slotverklaring op. “We willen iedereen waarschuwen dat de Amazone onherstelbaar beschadigd wordt, als de krankzinnige exploitatie van haar natuurlijke hulpbronnen doorgaat. (…) We roepen iedereen op tot een georganiseerde, uitgesproken en gezamenlijke confrontatie tegen Belo Monte.”

Protestdorp

Er is zelfs sprake van een bezetting van de bouwplaats van de dam, door op het bewuste eiland een inheems protestdorp te bouwen. De regering zou dat dan met geweld moeten ontruimen om de bouw mogelijk te maken, met alle gevolgen van dien. Niemand hoopt dat het zo ver hoeft te komen. Maar het feit dat er serieus over dit soort plannen wordt gedacht door de inheemse volken, is wel een signaal dat er een grens wordt bereikt. Steeds verder rukt de Westerse maatschappij op, daarbij de inheemse volken steeds verder in het nauw drijvend, doordat hun land wordt ontbost, ontsloten door grote infrastructurele werken, binnengevallen door houthakkers, mijnbouwers. Belo Monte staat symbool voor al deze bedreigingen, temeer ook omdat er in de hele Amazone nog 140 grote dammen gepland staan, of al gebouwd worden. Ook al is Belo Monte nog lang niet gebouwd, het water staat de inheemse volken al tot aan de lippen.

" Iedere keer dat we samenkomen versterken we onze beweging. We hoeven niet bang te zijn voor de politie, de grootgrondbezitters of wie dan ook die de natuur bedreigt. De natuur is leven, zij heeft ons gevoed en ondersteunt ons tot op de dag van vandaag: dus we moeten haar verdedigen als de vader en de moeder die ons leven geeft.”

“We moeten blijven vechten voor het leven, voor de cultuur en de biodiversiteit en voor het oerwoud. De ouderen, de jongeren en de toekomstige generaties zullen nooit de strijd tegen Belo Monte opgeven”

Cacique Raoni Metuktire, Altamira, agostus 2010
Kayapo Chief Raoni Kayapó

Voor meer informatie:

Voor een overzicht van alle dammen die in de Amazone gebouwd worden of gepland staan, zie www.dams-info.org/en

Zie verder de websites van Amazon Watch en International Rivers

Voor een overzicht van de actie's tegen de Belo Monte stuwdam zie onze Actie pagina.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Print dit item print
Honderden Braziliaanse Indianen verzamelen zich voor demonstratie

12 augustus 2010

Honderden Braziliaanse Indianen uit alle delen van het land verzamelen zich om de aandacht te vestigen op de moordaanslagen op hun leiders, de diefstal van hun land ten behoeve van industriële projecten en andere ontwikkelingen die hun voortbestaan bedreigen.

Naar verwachting zullen ongeveer 800 Indianen, die een groot aantal van de 233 volksstammen in Brazilië vertegenwoordigen, meedoen aan de protestdemonstratie die wordt gehouden van 16 tot en met 20 augustus.

De bijeenkomst, die plaats vindt in de deelstaat Mato Grosso do Sul ten zuiden van de Amazone, is bedoeld om aandacht te vragen voor de kritieke situatie waarin de inheemse volken in die staat, en dan met name de Guarani, zich momenteel bevinden.

Het land van de Guarani is gestolen om plaats te maken voor veebedrijven en suikerrietplantages, en het zelfmoordpercentage bij de Guarani is een van de hoogste van de wereld.

Het protest zal ook een demonstatie zijn van de toenemende woede die opkomt bij de vele volksstammen die zich verzetten tegen de plannen van de regering om een hele reeks reusachtige stuwdammen te bouwen in de Amazone.

De demonstratie is georganiseerd door de Vereniging van Inheemse Volken van Brazilië en het Forum voor de Verdediging van Inheemse Rechten.

De Indianen hebben alle kandidaten voor de komende Braziliaanse presidentsverkiezingen uitgenodigd om de bijeenkomst bij te wonen.

De directeur van Survival, Stephen Corry, verklaarde vandaag: “De huidige regering heeft op een smartelijke wijze de Braziliaanse Indianen verwaarloosd. Die doen nu een oproep aan de presidentskandidaten om hun nood onder ogen te zien. Ze verwachten dat de nieuwe president actie zal ondernemen om hun landen te beschermen.”

Bron: Survival International - www.survival-international.nl

top

Print dit item print
Nomadische volksstam duikt op uit oerwoud

29 juli 2010

Deze manifestatie, met de naam ‘Wij bestaan: Land en Leven voor de Awá jagers- en verzamelaars’, wordt georganiseerd door de Braziliaanse organisatie voor inheemse rechten CIMI, door de plaatselijke Rooms Katholieke Kerk en door verschillende inheemse groeperingen.

Waarschijnlijk zullen ongeveer 100 Awá deelnemen aan de protestdemonstraties. De meesten van hen zullen zich dan voor het eerst buiten hun thuis in het oerwoud begeven.

De demonstraties zullen gehouden worden in het stadje Ze Doca, vlakbij het thuisland van de Awá in de deelstaat Maranhão in het oostelijke Amazonegebied. De aanleiding tot het protest waren uitspraken van de burgemeester van Ze Doca die het bestaan van de Awá in twijfel trok.

De Awá zijn één van de slechts twee nomadisch levende jagers-verzamelaars die nog leven in Brazilië. Meer dan 60 Awá hebben geen contact met de buitenwereld en worden ernstig bedreigd door illegale houthakkers.

Hoewel het grondgebied van de Awá officieel is erkend, is de inheemse bevolking het doelwit van houtkappers die wegen door het oerwoud aanleggen met behulp van bulldozers, en door kolonisten die op het wild jagen waarvan de Awá voor hun voedsel afhankelijk zijn. De Indianen worden hierdoor blootgesteld aan ziektes en geweld.

In juni 2009 beval een federale rechter dat alle indringers zich binnen 180 dagen moesten verwijderen van het grondgebied van de Awá. Dit vonnis is sindsdien echter opgeschort, wat heeft geleid tot nog meer ontbossing en een aanzwellende stroom van indringers.

Stephen Corry, de directeur van Survival, verklaarde vandaag: “Het ontkennen van het bestaan van inheemse volksstammen werkt als een zichzelf vervullende profetie en is een achterhaalde strategie die past bij het koloniale verleden. Het is ook misdadig: als je ontkent dat ze bestaan, dan verdwijnen ze ook zoals zo veel Braziliaanse stammen vóór hen. Als Brazilië wil dat ze wordt gezien als een toonaangevend land, dan mogen de autoriteiten niet langer dit soort rechtsschendingen gedogen.”

Het hoofd van Survivals afdeling Onderzoek en Veldwerk, Fiona Watson, heeft de Awá bezocht en is beschikbaar voor het geven van interviews.

Bron: Survival International - www.survival-international.nl

top

Print dit item print
Federale politie neemt Tupinambá moeder met baby gevangen

3 juni 2010

De federale politie nam op 3 juni jl. Glicéria Tupinambá met haar zoontje van nauwelijks twee maanden gevangen. Glicéria is leider van het Tupinambá-volk en lid van de Nationale Commissie Inheemse Zaken (Comissão Nacional de Política Indigenista, CNPI). De CNPI is verbonden aan het Ministerie van Justitie en haar leden bestaan uit vertegenwoordigers van twaalf ministeries, twintig inheemse leiders en twee vertegenwoordigers van inheemse koepelorganisaties. De dag voor de arrestatie nam Glicéria deel aan de ontmoeting van de CNPI met president Lula. Hier sprak ze onder andere over het geweld dat Tupinambá-leiders te verduren krijgen van de kant van de federale politie in het zuiden van de deelstaat Bahia.

Lula en baby Tupinamba.

Foto: © Ricardo Stuckert

De dag erna werd ze tijdens de terugreis naar haar dorp bij het verlaten van het vliegtuig samen met haar baby gevangen genomen. Dit vond plaats in tegenwoordigheid van de andere passagiers. Ze werd met geweld afgevoerd door drie leden van de federale politie. Luis Titiah, leider van het Pataxó Hã-hã-hãe volk en eveneens lid van de CNPI, reisde samen met haar en was getuige van het voorval.

Beschuldigd

Glicéria werd de hele middag op het bureau van de federale politie van Ilhéus ondervraagd, haar baby nog bij haar op de rug. Volgens nog onbevestigde berichten zou ze door rechter Antonio Hygino naar de gevangenis verwezen zijn, beschuldigd van deelname aan diefstal van een dienstauto van de META (een energiebedrijf in de regio). In een interview met een reporter van een plaatselijke krant sprak deze rechter over de Tupinambá als “personen die zich indianen noemen”. Moeder en kind zullen naar een gevangenis in Jequié overgebracht worden, 200 km van haar dorp.

Conflicten

Sinds de FUNAI (regeringsinstantie voor inheemse zaken) het demarcatieproces van het inheems grondgebied van de Tupinambá opstartte, zijn de boerenbedrijven die deze gronden bezet houden, begonnen met de werving van gewapende huursoldaten. De boeren begonnen tevens lastercampagnes op radio en in kranten, waarbij ze de lokale bevolking opzetten tegen de indianen. Dit leidde tot een serie conflicten tussen de huursoldaten, de boeren en de Tupinambá. Als gevolg van de discussie over het landbezit moeten de Tupinambá zich verdedigen tegen beschuldigingen van de federale politie die een duidelijke strategie hanteert om de legitieme strijd om het traditionele territorium in een criminele hoek te plaatsen. Daarbij heeft de politie naast Glicéria ook haar broers Rosivaldo (bekend als cacique/leider Babau) en Givaldo als politieke gevangenen vastgezet.

Verleden

De onrust die de federale politie rond de Tupinambá probeert te voeden is niet van gisteren.
Op 23 oktober 2008 overviel ze met bruut geweld het inheemse dorp Serra do Padeiro, waarbij veertien leden van de Tupinambá-gemeenschap door rubberkogels gewond raakten en huizen en voertuigen vernield werden (waaronder ook de school, leermiddelen en de voorraad levensmiddelen voor de leerlingen). Twee personen werden gevangen genomen.
In juni 2009 werden na een gezamenlijk optreden van de federale politie en boeren om de Tupinambá van hun grond te verwijderen, bij vijf leden van de gemeenschap tekenen van marteling geconstateerd. Bij het onderzoek naar die marteling, dat geleid werd door dezelfde man als die de politieactie coördineerde, werden deze feiten ontkend. Geen van de betrokken agenten kreeg ontslag. Op 10 maart 2010 viel de federale politie tijdens een onwettige actie ’s nachts om 2 uur het huis van cacique Babau binnen, vernielde meubels en gebruikte buitenproportioneel geweld om Babau op te pakken. Deze dacht dat hij te maken had met huursoldaten, aangezien de agenten vloekten en tierden, in camouflage pakken liepen, hun gezicht zwart gemaakt hadden en zich op generlei wijzen identificeerden, laat staan dat ze een bevel tot in hechtenisneming toonden.

Oproep

CIMI spreekt haar bezorgdheid uit ten aanzien van de lichamelijke en psychische behandeling van Glicéria en haar zoontje en keurt opnieuw en openlijk het optreden van politie en justitie jegens het Tupinambá volk af. CIMI bevestigt nog eens haar inzet en steun bij de rechtvaardige strijd van de Tupinambá om de demarcatie van hun traditioneel territorium. CIMI roept de Braziliaanse en internationale samenleving op de zaak van de Tupinambá te verdedigen en de vrijheid van haar leiders te vragen.
Er is inmiddels een verzoek tot behandeling van de zaak bij de Speciale Rapporteur voor Inheemse kwesties bij de Verenigde Naties ingediend.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Print dit item print
Megadammen in Amazone bedreigen ongecontacteerde inheemse stammen

19 mei 2010

Twee megadammen die gebouwd worden in het Braziliaanse Amazonegebied dreigen een verwoesting aan te richten bij verschillende groepen ongecontacteerde inheemse stammen.

De Santo Antônio en Jirau dammen worden gebouwd in de Madeira rivier in de buurt van het grondgebied van geïsoleerd levende inheemse groepen die niet beseffen dat een groot deel van hun land waarschijnlijk vernietigd wordt.

De Pirahã worden bedreigd door de dammen in de Madeira 
rivier.

Foto: © Clive W. Dennis/Survival International

Tijdens een recente expeditie van het FUNAI, het Braziliaanse Departement voor Inheemse Zaken, werd bevestigd dat er geisoleerd levende inheemse stammen leven en jagen in het gebied dat aangetast wordt door de dammen.

In de omgeving van het dambouwproject bevinden zich tenminste vier geïsoleerd levende groepen. Twee daarvan staan bekend als de Mujica Nava en de anderen als de Jacareuba/ Katawixi.

In het kader van het damproject zullen nieuwe wegen worden aangelegd en zal een grote groep arbeidsmigranten het gebied overspoelen – dit zal in korte tijd het woud van de inheemse stammen vernietigen.

De migranten zullen ook ziekten meebrengen, zoals griep en mazelen. Hiertegen hebben de Indianen weinig weerstand. Iedere vorm van contact tussen geïsoleerde volksstammen en buitenstaanders houdt een buitengewoon groot risico in voor de gezondheid van de inheemsen. Het kan leiden tot de dood van velen van hen, wat in het verleden dan ook regelmatig gebeurd is.

In het rapport van FUNAI wordt geconstateerd dat het lawaai van de dambouw waarschijnlijk al een aantal ongecontacteerde groepen van hun land heeft verdreven, naar een gebied waar mijnwerkers illegaal actief zijn en waar malaria en hepatitis heersen.

De dammen vormen niet alleen een bedreiging voor de ongecontacteerde stammen maar zullen ook vele andere inheemse volkeren in het gebied treffen. Met geen van hen is behoorlijk overleg gevoerd voordat begonnen werd met de bouw van de dam. Domingos Parintintin van de Parintintin vertelde: “Ons land is nog onaangetast. We hopen dat dit project niet door gaat omdat onze kinderen zullen lijden. Er zal niet genoeg vis zijn en niet voldoende wild om op te jagen.”

Het Franse bedrijf GDF Suez, dat deels in bezit is van de Franse overheid, bouwt de Jirau dam. Een coalitie van NGO’s, zoals Survival, Kaninde, Amigos da Terra- Amazônia Brasileira, International Rivers, en Amazon Watch, heeft geprotesteerd bij de Braziliaanse overheid en GDF Suez en opgeroepen om het damproject te stoppen.

Tijdens de onlangs gehouden jaarvergadering stelde een aandeelhouder van GDF Suez vragen aan bestuursvoorzitter Gérard Mestrallet over de ongecontacteerde stammen in de buurt van de Jirau dam. Mestrallet antwoordde dat President Lula het damproject steunt en “als er iemand is die weet wat goed is voor de Braziliaanse bevolking en tegelijk oog heeft voor het behoud van de plaatselijke inheemse bevolking, dan is dat zeker wel President Lula.”

Onlangs stelde de inheemse woordvoerder van de Kayapó, Megaron Txucarramãe, echter dat “President Lula met zijn uitspraak dat de omstreden Belo Monte dam in de Xingu rivier ondanks alle oppositie doorgang zal vinden, heeft aangetoond dat hij de grootste vijand is van de Indianen.”

De directeur van Survival International, Stephen Corry, verklaarde vandaag: “De bouw van de Santo Antônio en Jirau dammen moet worden gestaakt. Als dat niet gebeurd zullen veel Indianen getuige zijn van een invasie van buitenstaanders op hun land en van de plundering van hun natuurlijke hulpbronnen. Ongecontacteerde groepen zouden gedecimeerd kunnen worden of misschien zelfs uitgeroeid. Als een dergelijke ramp plaats vindt, dan zal de Braziliaanse overheid daar verantwoordelijk voor worden gesteld.”

Bron: Survival International - www.survival-international.nl

top

Print dit item print
Proces moord leider Guarani uitgesteld

7 mei 2010

Het proces tegen drie mannen die worden beschuldigd van het doden van Marcos Veron, een leider van het Guarani Kaiowá-volk in de deelstaat Mato Grosso do Sul (zuid-west Brazilië), is opgeschort.

Marcos Veron

Foto: © J. Ripper/Survival International

Het proces begon op maandag 3 mei 2010, maar werd uitgesteld, omdat de rechter weigerde de getuigenissen van de Guarani getuigen in hun eigen taal te horen.

De openbare aanklagers besloten uit protest de rechtszaal te verlaten, omdat alle Guaraní getuigen het recht hebben om zich in hun moedertaal te uiten. Ongeacht of zij het Portugees beheersen of niet.

De weigering om de Guarani in hun eigen taal te laten getuigen in de rechtszaal is een schending van het Braziliaanse en het internationale recht.

Officier van Justitie Vladimir Aras: "In de zeventien jaar dat ik processen heb gevoerd is dit pas de tweede keer dat ik een rechtszitting heb verlaten. Het is niet aan een rechter om mensenrechten te beperken.”

De voortgang van het proces is uitgesteld tot 21 februari 2011. Justitie claimt dat er dit jaar géén budget meer is om een jury te organiseren.

Keer op keer uitstel

Het is niet de eerste keer dat het proces is uitgesteld. Het zou eerst op 12 april 2010 beginnen, maar werd een maand uitgesteld omdat de advocaat van een van de verdachten claimde te zijn begonnen met intensieve psychotherapie van twintig dagen. De moord vond plaats in het jaar 2003.

Marcos Veron's zoon, Claudio Veron Cavalheiro, zei: “Nu we voor de tweede keer naaar São Paulo kwamen hadden we de verwachting dat het proces eindelijk zou plaatsvinden, maar de rechter schond ons recht om in onze eigen taal te spreken.”

Doodgeslagen

Marcos Veron, een bekende en internationaal gerespecteerde Guarani Kaiowá leider, werd in 2003 voor het oog van zijn familieleden doodgeslagen door gewapende mannen in dienst van een plaatselijke boer. Dit gebeurde nadat hij zijn gemeenschap naar Takuará, hun voorouderlijke gronden, had geleid. Dit grondgebied was in de vorige eeuw met geweld door niet-inheemse boeren bezet en sindsdien in bezit van niet-inheemsen die zich verzetten tegen teruggave.

Lees het engelstalige nieuwsbericht over de dood Marcos Veron, gepubliceerd in The Guardian.

De verdachten, Estevão Romero, Roberto Carlos dos Santos en Jorge Cristaldo Insabralde, zijn werknemers op de ranch, die het land bezet heeft van de gemeenschap van Veron. Ze worden ondermeer beschuldigd van moord en illegale gevangeneming, naast andere ten laste leggingen. Een vierde verdachte, Nivaldo Alves de Oliveira, is momenteel op de vlucht.

De Openbare Aanklager zei over Veron’s moordenaars: “gewapend met geweren bedreigden en sloegen en schoten ze op de inheemse leiders. Veron, toen 72 jaar oud, werd met ernstige hoofdwonden naar het ziekenhuis gebracht, waar hij stierf.”

In 2000 reisde Marcos Veron naar Europa op uitnodiging van Survival International om de wanhopige situatie van de Guarani bekend te maken. Veron zei over Takuara: 'Dit hier is mijn leven, mijn ziel. Als je me weghaalt uit dit land, neem je mijn leven weg."

Het gebeurt maar zelden dat degenen die in Brazilië van het doden van inheemse mensen worden beschuldigd ook terecht staan.

De rechtszaak werd in São Paulo gevoerd, omdat de procureur-generaal besloot dat een onpartijdige rechter en jury in Mato Grosso do Sul zelf zeer onwaarschijnlijk was. Ze zei: 'Er bestaat een sterk vooroordeel tegen de inheemse bevolking onder de belangrijke leden van de samenleving van Mato Grosso do Sul.”

Doelwit

Het verslag van Survival over de situatie van de Guarani rapporteert een hoge mate van geweld tegen de Guarani Kaiowá. Inheemse leiders die bezettingen van voorouderlijke gronden leiden worden systematisch doelwit van criminelen. Het rapport werd begin dit jaar toegezonden aan het VN-Comité voor de Uitbanning van Rassendiscriminatie.

Stephen Corry, directeur van Survival: “Marcos Veron's dood was een enorme klap voor zijn volk, en een rechtstreeks gevolg van zijn strijd voor de grond van zijn gemeenschap. Het is cruciaal dat zijn moordenaars worden berecht. De rechtszaak moet zo spoedig mogelijk voortgezet worden, en de Guarani moet worden toegestaan om zich te uiten in hun eigen taal. De Braziliaanse autoriteiten moeten ook het land van de Guarani in kaart brengen en beschermen, zodat zij niet langer gevaar lopen voor het eigen leven, wanneer zij hun grondwettelijke recht uitoefenen om te leven op hun eigen land.”

Bron: Survival International - www.survival-international.nl

top

Print dit item print
Indianen versus booming Brazilië

23 april 2010

Door: Marina Brouwer

Protesteeerde kayapas indianen tegen Belo Monte Stuwdam

Foto: flickr/International Rivers

"The white man wants too much: our water, our land. There'll be war so the white man cannot interfere in our lands again." Twitter blijkt ook een platform te zijn voor de boze indianen uit het Amazonegebied. Ze dreigen een tentendorp te bouwen op de plek waar een enorme en omstreden stuwdam moet komen.

Brazilië is in de ban van de Belo Monte-dam, een megaproject waar president Lula flink de vaart inzet. Deze week zijn de contracten getekend met een binnenlands consortium dat de dam in een zijrivier van de Amazone in 2015 moet opleveren. Het gaat om de op twee na grootste stuwdam in de wereld, die een fors aandeel moet leveren in de stroomvoorziening van het uitgestrekte land.

Verkiezingen

De dam verdeelt het land. Volgens de jongste opiniepeiling in de krant Folha de São Paulo zegt 53 procent van de Brazilianen 'sim' (ja) tegen het project, tegen 47 procent 'não'.

De verdeeldheid loopt voor een deel langs politieke lijnen, in de opmaat naar de presidents- en parlementsverkiezingen van oktober. De oppositie is fel tegen de bouw, om zich duidelijk te profileren ten opzichte van president Lula en zijn Arbeiderspartij die van de dam een prestigeobject hebben gemaakt.

Grondwet

Tegenstanders wijzen op de schade die het project zal berokkenen aan de bevolking - onder wie veel indianen - en het milieu. Een indianenleider demonstreert met zijn stamgenoten al dagenlang in de hoofdstad Brasilia: "Ze bezetten de Amazone, bouwen dammen en stuwmeren voor hun eigen gewin. Niemand bekommert zich om het land van de indianen. De inwoners van de Xingu-vallei worden van hun land en uit hun huizen gejaagd."

Volgens Greenpeace komt een gebied van 500 vierkante kilometer onder water te staan, waardoor tienduizenden gezinnen hun biezen moeten pakken.

Strijdbaar

De indianen zijn tot dusver volledig buiten de plannen gehouden, zegt de Nederlander Paul Wolters, die in Brazilië werkt voor een NGO die waakt over de belangen van de inheemse bevolking. Terwijl in de grondwet hun recht is vastgelegd om gehoord te worden bij projecten die hun dagelijks leven beïnvloeden.

De indianen hebben donderdag besloten om tóch in dit late stadium te gaan praten met het consortium dat de waterkrachtcentrale gaat bouwen. Mocht dat gesprek niets opleveren, dan gaan ze over tot een bezetting van de plek waar de dam moet komen.

Paul Wolters: "Dat zijn vooral Juruna-indianen. Later moeten daar ook nog Kayapo-indianen bijkomen. Dat is een volk van strijders. Die zijn niet bang om letterlijk de strijd aan te gaan. Het is moeilijk voorspelbaar, maar op het moment dat ze aan de bouw willen beginnen, zal toch het leger moeten komen om die indianen daar weg te halen".

Volgens Wolters hebben de indianen in een aantal brieven aan president Lula laten weten dat ze de bouw van de dam niet zullen accepteren. En dat er bloed zal vloeien, als dat nodig is.

Evenementen

Als het erop aankomt hebben de indianen geen andere pressiemiddelen dan het bespelen van de publieke opinie in binnen- en buitenland. Zij putten moed uit het verleden: in de jaren 90, toen er ook al over de dam werd gesproken, gingen de plannen de ijskast in als gevolg van grootschalige en wereldwijde protesten.

Maar de voorstanders hebben zwaarwegende redenen om de plannen ditmaal voort te zetten. De snelgroeiende economie van Brazilië is gebaat bij de schone en goedkope stroom uit de nieuwe krachtcentrale.

Verder staan er prestigieuze evenementen op het programma, die niet in gevaar mogen worden gebracht door gestuntel met stroom. In 2014 organiseert Brazilië het WK voetbal, twee jaar later gevolgd door de Olympische Spelen. Bij een grootschalige black out, eind vorig jaar, zaten ruim 60 miljoen Brazilianen enkele uren zonder stroom. Direct werden hardop vraagtekens geplaatst bij het Braziliaanse vermogen om zulke grote evenementen te organiseren. En die twijfels wil president Lula voor altijd uit de wereld helpen.

Bron: Radio Nederland Wereldomroep (RNW) www.rnw.nl

top

Print dit item print
Handtekeningen gevraagd Belo Monte Stuwdam

19 april 2010

Afgelopen week, 14 april 2010, leek de aanbesteding van de Belo Monte Dam verboden te worden door de rechter in de deelstaat Para. (zie: Federale rechter schorst licentie bouw Belo Monte waterkrachtcentrale)

Helaas verandert de situatie snel. De beslissing van de rechtbank werd vrijdag 16 april 2010 weerlegd door de federale regionale rechtbank (wat blijkbaar mag volgens de Braziliaanse wetgeving) en dus heeft ANEEL, de Braziliaanse energiemaatschappij, verklaard dat de aanbesteding voor de Belo Monte Stuwdam dinsdag 20 april 2010 a.s. door zal gaan.

Protesteeerde indiaan tegen Belo Monte Stuwdam

Honderdveertig organisaties ondertekenden een brief aan Lula om het

In Brazilië zullen vele organisaties en inheemse volken protesteren. Internationaal worden nu zo veel mogelijk handtekeningen ingezameld die betreffende organisatie naar hun ambassades zullen sturen. Het doel is om president Lula te laten weten dat veel mensen willen dat de bouw van de stuwdam niet doorgaat. De gevolgen voor milieu, lokale bevolking en inheemse volken zijn niet te overzien!

Via onderstaande websites kunt u heel eenvoudig een handtekening plaatsen (Duitse sites van collega-organisaties):

- www.regenwald.org
- www.gfbv.de

Meer informatie, in het engels, over de Belo Monte Stuwdam:

hier
www.stopamazondams.org

Op de hoogte blijven over de Belo Monte Stuwdam:

twitter.com/StopBeloMonte

UPDATE :

De aanbesteding is voorlopig weer uitgesteld. Dat werd dinsdag 20 april 2010 besloten.
Handtekeningen blijven nodig!!!

LAATSTE NIEUWS 21 april 2010

De aanbesteding is uiteindelijk toch gewoon doorgegaan. Drie keer bepaalde een regionale rechter dat de aanbesteding uitgesteld moest worden totdat drie rechtszaken zouden zijn beoordeeld. Drie keer werd deze uitspraak door een hogere rechter verworpen.

De winnaar is een consortium van verschillende bouwbedrijven en het staats energiebedrijf CHESF.

De strijd is hiermee nog steeds niet ten einde. Nationaal en internationaal gaat de druk door. De inheemse volken uit het gebied zijn begonnen met de voorbereidingen voor een inheemse dorp, precies op de plek waar de dam zou moeten komen.

Zij zullen daar blijven, totdat de regering het besluit terugdraait;
En wij kunnen handtekeningen blijven zetten!
En de Braziliaanse regering blijven wijzen op de gevolgen!

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Print dit item print
Federale rechter schorst licentie bouw Belo Monte waterkrachtcentrale

14 april 2010

De federale rechter van Altamira (deelstaat Pará) is het in een civiele rechtszaak eens geworden met het federale Openbaar Ministerie, dat er sprake is geweest van onregelmatigheden bij de aanbesteding van de bouw van de waterkrachtcentrale Belo Monte.

Protestest Belo Monte Stuwdam

Het Federale Hof schorst de voorlopige vergunning voor het bouwen van de stuwdam en last de aanbesteding, gepland voor aanstaande dinsdag 20 april 2010, af.
De rechter besloot tot een voorlopige voorziening, gezien "het gevaar voor onherstelbare schade” door de bouw.

Het besluit is het resultaat van de beoordeling van een van de twee openbare civiele acties, ingediend door federale aanklagers, die wezen op onregelmatigheden bij de aanbesteding. Het richtte zich specifiek op het gebrek aan regulering van artikel 176 van de Federale Grondwet van Brazilië, dat zegt dat er een wet vereist is wanneer het gaat om het gebruik van hydraulisch potentieel op inheems land.

"Het is ondubbelzinnig bewezen, dat de Belo Monte-waterkrachtcentrale het hydraulisch potentieel in de gebieden waar de inheemse volken wonen direct zal beïnvloeden door de bouw en ontwikkeling van het project," zei de rechter in het besluit.

Naast de schorsing van de licentie en annulering van de aanbesteding, ging de rechter ook akkoord met de andere maatregelen die volgens de aanklagers van het Openbaar Ministerie gevraagd waren, namelijk dat de milieudienst IBAMA geen nieuwe licentie mag uitgeven; dat ANEEL (het Nationale Elektriciteits- en Energie Bedrijf) zich onthoudt van een nieuwe uitgifte; dat de BNDES (de Braziliaanse Ontwikkelingsbank) en dat de ondernemingen Norberto Odebrecht, Camargo Corrêa, Andrade Gutierrez, Vale do Rio Doce, J Malucelli Verzekeringen, Fator Verzekering en UBF Verzekeringen op de hoogte worden gebracht van het besluit.

In de beslissing is opgenomen, dat "wanneer de ondernemingen kennis hebben genomen van het besluit, ze kunnen reageren op de aanklacht van milieucriminaliteit." In het geval dat het besluit niet wordt nageleefd, zijn de bedrijven onderworpen aan dezelfde straf die eerder tegen ANEEL en IBAMA werd uitgevaardigd: een geldboete van 1 miljoen Braziliaanse reais, over te dragen aan de getroffen inheemse volken.

Het Openbaar Ministerie is verder nog in afwachting van de beslissing in een andere openbare civiele zaak, waarbij het gaat om onregelmatigheden in de milieuvergunning die verleend is aan de Belo Monte-waterkrachtcentrale.

Op de hoogte blijven van de ontwikkelingen:

twitter.com/StopBeloMonte

Meer over Belo Monte:

- Director of Avatar asks Lula reconsider the project of Belo Monte
- Belo Monte: External funding may be decisive
- 140 international organizations denounce Belo Monte
- Hydroelectric of Belo Monte: A question of democracy
- Belo Monte “Pharonic project and generator of death” Special interview with
  Dom Erwin Kräutler

- Indigenous Peoples of the Xingu issue alert regarding licensing announcement
   for construction of the Belo Monte hydroelectric Plant

- Belo Monte: 12 questions without answers

Achtergrondinformatie:

- Summary and History of the Belo Monte Dam: Rainforest Foundation
- Independent Review Highlights the True Costs of Belo Monte Dam
- Summary of the Independent Panel of Experts on the Belo Monte hydroelectric

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Print dit item print
Guaraní-maand maart: passie en leven van een inheems volk

2 april 2010

Door: Egon Heck

"De maan verlicht onze angstige harten," zegt een Guarani, in weer een dageraad dat het licht stil naar beneden valt. We zijn op weg naar Arroyo Kora, een Guarani-dorp in de deelstaat Mato Grosso do Sul, aan de grens met Paraguay. De geestelijke leiders Getulio en Nelson zijn belast met de dialoog met de bovennatuurlijke krachten, met de geesten die het leven geven, met Tupa, die het universum en alle levende wezens beschermt en in evenwicht houdt.
Anastácio geeft vleugels aan de verbeelding en verbindt hilarische opmerkingen met slimme strategieën voor de strijd tegen de anti-inheemse krachten in de regio. Het is de voorbereiding voor een volgende Guasu Aty, een gezamenlijke vergadering van alle Guarani, waar volop gediscussieerd wordt, gereflecteerd, en waar de kracht van de inheemse volken en de toekomst wordt gevierd.
Na ongeveer vier uur staan we in de schaduw van de bomen en zal de Grote Vergadering zo van start gaan. Het totale gebied hier van de Guarani is 7000 hectare, maar slechts 700 hectare is daadwerkelijk in hun bezit. Land dat reeds is afgebakend, door president Lula op 21 december 2009. goedgekeurd, maar op 24 december 2009 bij beschikking van de toenmalige voorzitter van de Hoge Raad, Gilmar Mendes, aangehouden.

Bezorgdheid in de gemeenteraadszaal van Paranhos. Op de tribune tientallen leiders van de Guarani Kaiowá en bondgenoten. Er wordt gedebatteerd over een controversieel en symbolisch belangrijk project in de gemeentelijke wetgeving. Met deze nieuwe wet zou de Guarani-taal ingesteld worden als tweede officiële taal in de gemeente. Het project werd vorig jaar ingediend met steun van docenten aan de Federale Universiteit van Dourados. De besluitvorming werd meerdere malen uitgesteld. Tot 29 maart. Niettegenstaande mogelijke problemen (of onwil) over de omvang en de gevolgen van het project, wordt de wet uiteindelijk goedgekeurd. Het is de tweede keer dat een dergelijk project in Brazilië wordt aangenomen. Eerder gebeurde dat in São Gabriel da Cachoeira, deelstaat Amazonas, waar 80% van de bevolking en ook de burgemeester inheems is. In de gemeente Paranhos vertegenwoordigen de Guarani Kaiowá bijna 40% van de bevolking en leven op minder dan 1% van het grondgebied van de gemeente. Net als in andere regio’s hebben de Guarani Kaiowá ook hier te lijden van vooroordelen en racisme. In deze context betekent de goedkeuring van het project een overwinning met grote symbolische waarde.

De maand maart

Voor de Guarani Kaiowá was maart een maand van hoop en vooruitgang in de moeilijke strijd voor hun rechten. Er waren belangrijke momenten van nationaal en internationaal bewustzijn over de ernstige schendingen van de mensenrechten, geweld en genocide. De situatie werd aan de kaak gesteld in een rapport van de organisatie Survival International (www.survival-international.org) die het aan de VN stuurde. Volgens het rapport is de situatie van de Guarani verschrikkelijk slecht en een van de schrijnendste gevallen in Zuid-Amerika. De publicatie van het verslag viel samen met de Internationale Dag tegen Rassendiscriminatie (21 maart). De publicatie leidde onmiddellijk tot hevige reacties in de regionale pers in Mato Grosso do Sul. De krant O Progresso in Dourados, onlangs door CIMI aangeklaagd wegens laster en smaad, ging wederom door met het aanvallen van de inheemse volken en hun bondgenoten. "Dit type NGO moet uit het land verbannen worden omwille van de waarheid en de nationale soevereiniteit ", schrijft de krant op 20 en 21 maart. Het artikel eindigt met de leugen waarvoor CIMI de krant o Estado de São Paulo en ABIN (de Geheime Dienst van Brazilië) al een proces heeft aangedaan (en ABIN heeft vervolgens het bericht ontkend) “dat CIMI 85 miljoen dollar ontvangen zou hebben van een ONG die geld krijgt van het Congres in de VS.” Mgr. Dimas, die deze dagen in Dourados verbleef, gaf spottend het volgende commentaar op het nieuws: "Met zo’n bedrag zouden we al het pastorale werk van de CNBB (Bisschoppenconferentie van Brazilië, waar CIMI onderdeel van uitmaakt) voor meerdere jaren kunnen uitvoeren!”

Op 26 maart 2010 bezoekt de Commissie Mensenrechten de gemeenschap opnieuw. Ditmaal om de situatie en de genomen maatregelen te bekijken. In het inheems kampement Laranjeira Nhanderu troffen de bisschoppen en de andere adviseurs van CIMI een absurde situatie aan van hoe de gemeenschap moest zien te overleven. Een oude vrouw bijvoorbeeld huisde praktisch in de modder. De Procurator van de Republiek, Marco Antonio Rufino, verscheen ook ter plekke en legde uit wat de oorzaken waren van deze rampsituatie. Hij benadrukte daarbij dat de recente invasie van de regio door het nationaal en internationaal kapitaal, met de massale bezetting van de beste landbouwgronden voor de productie van rietsuiker en biobrandstof, de regularisering van de landrechten voor de inheemse bevolking nog moeilijker heeft gemaakt. De grond is immers nog eens in waarde gestegen. In Guyrariká hoorde Mgr. Dimas in de ogasu (het gebedshuis), meerdere keren de wanhopige kreet “in hemelsnaam, doe iets om de situatie van onderwijzer Rolindo op te helderen; dat op zijn minst zijn beenderen gevonden worden”. De moord op de twee onderwijzers bij de herbezetting van het Ypo-gebied blijft nog steeds ongestraft. De ouders van Rolindo en zijn weduwe met vier kinderen waren aanwezig en vroegen om een dringend onderzoek en bestraffing van de twee moordenaars. Een ander belangrijk bezoek aan de Kaiowá Guarani-gemeenschappen was dat van een Werkgroep van instellingen die zich bezighouden met Mensenrechten. Het bezoek was vorig jaar al aangekondigd. Van 7 tot 10 maart waren ze in de deelstaat om de beschuldigingen van schending van de Mensenrechten, waarvan de Kaiowá Guarani het slachtoffer zijn, te onderzoeken. Ze bezochten enkele gemeenschappen en zagen en hoorden de getuigenissen over het geweld en de onmenselijke toestanden die de inheemse gemeenschappen in het uiterste zuiden van de deelstaat Mato Grosso do Sul moeten doorstaan. De Commissie, die bestond uit een tiental personen uit de hoofdstad Brasilia en de regio en die zich bezighouden met Mensenrechten, kreeg ruim de gelegenheid om zich op de hoogte te stellen van de ernst van de schending van de rechten van deze volken. Zij hoorden ook de zegeningen die de landelijke politiek en de vertegenwoordigers van de agrobusiness beloven te brengen. Deze worden niet moe te verzekeren dat ze altijd in vrede met de inheemse bevolking leefden en dat ze hun grootste weldoeners zijn. In het kampement Laranjeira Nhaderu spraken ze ook met de ouders van de in november vermoorde onderwijzers. Daarbij bood de gemeenschap van Ypo’i de commissie een document aan, waarin ze zegt: “naast de aangifte die we doen van onmenselijke behandelingen in Pirajuy dienen we een klacht in over het feit dat we op 3 oktober 2009 op gewelddadige wijze van ons traditioneel grondgebied Ypo’i gezet zijn en dat daarbij huurmoordenaars van de fazenda São Luiz twee van onze onderwijzers (Genivaldo Vera e Rolindo Vera) hebben meegenomen en later op gruwelijke manier afgeslacht hebben. Het is vandaag juist 4 maanden geleden dat deze wrede feiten plaatsvonden. We weten dat toen zowel door de regionale als door de Federale Politie een onderzoek gestart is om de barbaarse misdaden, de uitvoerders en de opdrachtgevers te bestraffen.” (Brief voor de Mensenrechtencommissie.) Een belangrijke overwinning was de afwijzing (eindelijk!) door de Hoogste Federale Rechtbank van Sumula Vinculante 049. Hiermee wilde de Nationale Landbouw Federatie definitief een einde maken aan de meeste landregularisaties ten bate van de inheemse gemeenschappen, in het bijzonder in Mato Grosso do Sul. In deze deelstaat wil men bij de grondconflicten steeds meer het ‘tijdsmoment’ invoeren: slechts die indianen hebben recht op land die op het moment van de invoering van de Grondwet (5 oktober 1988) op die grond verbleven. De agrobusiness dacht zo een eind te kunnen maken aan elke pretentie van grondregularisatie. Dan was er nog het initiatief met het doel de parlementsleden en de hele bevolking te informeren over de situatie van genocide jegens het Kaiowá Guarani-volk. Senaatslid Marina Silva deed namelijk in de Commissie Mensenrechten van de Senaat het voorstel een parlementair onderzoek over deze kwestie te houden. In oktober was zij in Aty Guasu de Yvy Katu, aan de grens met Paraguay. Zij was toen zeer onder de indruk van de getuigenissen van de Guarani-leiders en beloofde deze feiten bij president Lula aan te kaarten en een brief bij de senaat neer te leggen om over de kwestie te debatteren. Ze hield woord. Uit de verklaringen blijkt eens te meer dat de situatie onhoudbaar is en dat het een schande is hoe het land de Kaiowá Guarani-bevolking onderdrukt, in het bijzonder door hen het heilige recht op hun land te ontkennen.

Bezorgdheid blijft

Tegelijk met alle gebeurtenissen waarin de solidariteit met de Guarani zichtbaar werd, kwam ook de aankondiging van de uitbreiding van de projecten van het PAC-2. PAC staat voor het Vooruitgangsprogramma van president Lula. PAC-2 zal de problemen van de inheemse volken verder vergroten, de inheemse rechten zullen genegeerd worden, de natuur zal vernietigd worden, allemaal gevolgen van de ‘ontwikkeling’, waardoor het steeds moeilijker wordt om hoop te blijven houden op een meer rechtvaardige en gelijke wereld.
De komende tijd staan er twee belangrijke evenementen op de agenda van de Guarani. Allereerst zullen van 7 tot 10 april ongeveer 500 leiders bijeenkomen op de Aty Guasu, de Grote Vergadering, in het dorp Arroyo Kora in de gemeente Paranhos. Gesproken zal worden over hoe de Guarani zich strategisch goed kunnen organiseren en hoe het stopzetten van de identificatieprocessen van het land kan worden tegengegaan. Op 12 april start in São Paulo de rechtszaak tegen de moordenaars van de Guarani-leider Marcos Veron. Deze moord vond plaats in 2003. Volgens de aanklager kan het proces wel eens meer dan tien dagen duren. Momenteel zit nog geen enkele moordenaar van inheemse leiders of andere inheemse personen in de gevangenis. Het Volk van de Guarani: strijdend voor het leven, zelfs met Pasen.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Print dit item print
Protestbrief aan Lula over de Belo Monte Stuwdam

11 maart 2010

Internationaal wordt er geprotesteerd tegen de Belo Monte Stuwdam.

Belo Monte Stuwdam

Honderdveertig organisaties ondertekenden een brief aan Lula om het plan om deze stuwdam aan te leggen, niet door te laten gaan.

De schade aan milieu en de gevolgen voor de inheemse volken zullen anders niet te overzien zijn.

Lees hier de engelstalige brief aan president Lula.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Print dit item print
Actie biobrandstoffen: handtekeningen aangeboden aan Kamercommissie VROM

2010

Op het bevrijdingsfestival van 5 mei 2009 in Roermond en op andere plaatsen waren wij met een stand aanwezig en spraken vooral met jongeren over dit probleem: Europa wil schonere brandstof voor haar auto’s – en om die te kunnen produceren worden in Brazilië indianen van hun land verdreven. Als steungroep willen wij het probleem in Nederland meer publiek maken en daarbij wijzen op onze verantwoordelijkheid als consument. Met een handtekening op een flapover konden mensen een steunbetuiging geven.

De handtekeningen zouden een aanvulling moeten vormen op de petitie die 8 landelijke organisaties (waaronder ook Indianen in Brasil) op 16 april 2009 aanboden aan de commissie VROM. (zie: www.fian-nederland.nl)

De actie is een behoorlijk succes geworden en heel wat jongeren tekenden. Wij hebben ook op enkele plaatsen bezoekers van de film ‘Birdwatchers’, die dezelfde problematiek als achtergrond heeft, om hun reactie op de film gevraagd en ook om hun steunbetuiging.

De handtekeningen zijn op 17 februari 2010 naar de commissie VROM gestuurd. Daar zal de begeleidende brief op een van de eerstvolgende vergaderingen behandeld worden.

Het zal nodig blijven om voor deze problemen actie te blijven voeren en u zult zeker ons en anderen hierover in de toekomst nog horen.

Lees hier de brief aan VROM.

Bron: Steungroep Indianen In Brasil www.indianeninbrasil.nl

top

Print dit item print
VN: inheemse volken wereldwijd gemarginaliseerd

2 maart 2010

Alarmerend. Met dit woord vat de VN de situatie van de inheemse volken wereldwijd, in het eerste verslag over de situatie van de inheemse volken in de wereld, samen. Overal ondervinden inheemse volken achterstanden op gebieden zoals armoede, gezondheid, onderwijs, werkloosheid, de mensenrechten, en zelfs op het gebied van milieu.

Op 15 januari lanceerden de Verenigde Naties (VN) voor het eerst een uitgebreid rapport over de situatie van de inheemse volken in de wereld. En de conclusies zijn niet bemoedigend, zoals de inleiding direct duidelijk maakt: "Inheemse volken blijven gebukt gaan onder discriminatie, marginalisering, extreme armoede en conflicten. Sommigen worden beroofd van hun traditionele gronden, wanneer hun middelen van bestaan worden geruïneerd. Ondertussen worden hun geloofsystemen, culturen, talen en manieren van leven blijvend bedreigd, soms zelfs met uitsterven."

Bewakers

Tegelijkertijd onderstreept het verslag de grote waarde die de inheemse volken vormen voor de wereld. "Inheemse volken zijn de bewakers van enkele van de meest biodiverse gebieden ter wereld. Zij zijn ook verantwoordelijk voor veel van de taalkundige en culturele diversiteit in de wereld en hun traditionele kennis is en blijft een waardevolle bron die ten goede komt aan de hele mensheid."

Vervolging

Wat Brazilië betreft onderkent het rapport dat in theorie de inheemse rechten goed zijn erkend en vastgelegd in de grondwet en andere wetten. Maar het rapport benadrukt dat in de praktijk deze rechten niet worden nageleefd of beschermd door de autoriteiten. Heel vaak, zo signaleren de VN, prevaleren economische belangen over inheemse rechten. Vooral waar het gaat om de erkenning en de bescherming van inheems grondgebied.
Wereldwijd, ondervinden inheemse volken dezelfde weerstand, druk en geweld als de inheemse Brazilianen over landkwesties: "Voorbeelden van brutaliteit en geweld werden gehoord in alle uithoeken van de autochtone wereld, in de meeste gevallen gepleegd tegen de inheemse personen die proberen hun land, territoriale gemeenschappen, te beschermen." Het rapport herinnert er ook aan dat als gevolg daarvan "In veel landen, inheemse mensen vervolgd worden en (...) het slachtoffer zijn van buitengerechtelijke executies, willekeurige arrestaties, martelingen, gedwongen uitzettingen en vele vormen van discriminatie."
In dit verband onderstreept het rapport dat sinds tientallen jaren 'De conflicten tussen indianen en mijnwerkers, boeren en andere niet-inheemsen zich gewelddadig over heel Brazilië heeft verspreid. (...) Hoewel de wetgeving om het inheemse land af te bakenen werd goedgekeurd, is de realiteit op de grond compleet verschillend van de wetten van de natiestaat. Bijvoorbeeld, de speciale rapporteur ontving dringend oproepen van de Guarani-Kaiowá in Mato Grosso do Sul, Brazilië, over de ontruimingsorders, ondanks het feit dat hun gebieden in 2004 als inheems land zijn afgebakend."

Suicide

Ook in het hoofdstuk over zelfmoord wordt gewezen op de situatie van de Guarani-Kaiowa, in Mato Grosso do Sul. In feite zijn de zelfmoordcijfers onder bijna alle inheemse volken hoog. Maar het bijzonder grote aantal onder de Guarani Kaiowá springt in het oog. In het verslag wordt als directe factor genoemd de ernstige verstoring van de traditionele manier van leven "met inbegrip van de snel veranderende sociale en culturele veranderingen, ontwrichting van het traditionele sociale leven, de geleidelijke ontmanteling van de uitgebreide familiestructuur, en gedwongen uitzettingen."

Geïsoleerd

Het verslag besteedt veel aandacht aan het gebrek aan goed onderwijs, ook in Brazilië, als een van de fundamentele problemen.
Het rapport bespreekt ook nadrukkelijk de verwoestende gevolgen voor de inheemse volken van grote (infrastructurele en industriële) projecten, in de wereld in het algemeen, en in het Amazonegebied in het bijzonder. Het wijst daarbij, onder andere, op de bouw van waterkrachtcentrales en op de ontwikkeling van infrastructurele werken, gericht op de integratie van de afgelegen gebieden in een steeds verder globaliserende maatschappij. In dit verband benadrukt het rapport "de tragische en onomkeerbare gevolgen voor de inheemse volken, met inbegrip van de volken die nog in afzondering leven, zonder contact met de Westerse samenleving, of volken die pas recent in contact zijn gekomen”.

De Engelstalige versie van het rapport is : hier te downloaden

Bron: UN www.un.org

top

Print dit item print
Nederlandse ambassadeur lanceert website Guarani-campagne

De oranje petten bleven in de tas. ´Tijdens het bezoek spraken we met de ouders van de vermiste Genivaldo Vera en de vermoordde Rolindo Vera,’ vertelt ambassadeur Pieter Rade, over een intens onderdeel van zijn bezoek aan het Guarani Kaiowá dorp Te’ Yikue. ‘We hadden het gevoel dat het niet passend was om vlak daarna vrolijk oranje petten uit te delen’.

Ter gelegenheid van de Internationale dag voor de Mensenrechten bezocht de Nederlandse ambassadeur in Brazilië, Pieter Kees Rade, op dinsdag 13 december het Guarani Kaiowá dorp Te’ Yikue, in het zuidelijkste puntje van de Braziliaanse deelstaat Mato Grosso do Sul. Dat Rade dit volk bezocht is niet toevallig: in 2009 steunde de Nederlandse ambassade de campagne Povo Guarani Grande Povo (Guarani – een groot volk), opgezet door het Conselho Indigenista Missionário (CIMI).

Foto Guarani meisjes

Erkenning

De Guarani Kaiowá zijn met een geschatte 40.000 personen het grootste inheemse volk van Brazilië. Echter, in Mato Grosso do Sul heeft de expansie van de intensieve landbouw (vooral soja en suikerriet voor de brandstof ethanol) de Guarani Kaiowá van hun leefgebied verdrongen. Als gevolg daarvan leven zij samengepakt in kleine reservaten, of in geïmproviseerde tentenkampen langs de wegen. Het gevolg: slechte, ongezonde leefomstandigheden, armoede, werkloosheid, ondervoeding, uitzichtloosheid, geweld, moorden en kindersterfte.
Al decennialang strijden de Guarani Kaiowá voor de erkenning van hun rechten en voor de teruggave van hun land. Dit leidt regelmatig tot gewelddadige conflicten. Van een van deze conflicten werden Genivaldo en Rolindo Vera slachtoffers. Zij maakten deel uit van een groep die op 29 oktober 2009 een stuk land bezet hadden, om hun landclaim kracht bij te zetten. Een dag later verjoeg een groep gewapende mannen hen met geweld. Na afloop van de confrontatie bleken Genivaldo en Rolindo, beiden leraren, verdwenen. Een week later werd het lichaam van Rolindo gevonden. Het lichaam van Genivaldo is nog altijd niet gevonden.
Na de traditionele welkomsdansen en liederen, spraken de inheemse leiders met de ambassadeur over de situatie van hun volk. Aan de orde kwamen de schendingen van de inheemse rechten, het geweld, de intensieve landboud en de gevolgen daarvan voor het milieu, de weerstand van de agrarische sector om tot een oplossing te komen, de recente, onopgeloste moord en verdwijning van de beide leraren. De ouders van de slachtoffers vroegen de ambassadeur om dit geweld ter sprake te brengen bij de Braziliaanse regering.

Campagne

De Guarani Kaiowá zijn een subgroep van het Guarani-volk, dat verspreid leeft over Argentinië, Brazilië, Paraguay, Uruguay en Bolívia. in totaal ongeveer 350.000 personen. In al deze landen leven de Guarani-gemeenschappen in vergelijkbare omstandigheden: verdreven van hun land, gediscrimineerd en strijdend voor de erkenning van hun rechten. In deze context heeft het Conselho Indigenista Missionário (CIMI) een internationale campagne opgezet: Povo Guarani – Grande Povo (Guarani – een Groot Volk). In 2009 steunde de Nederlandse ambassade deze campagne financieel.
Tijdens zijn bezoek verrichte Pieter Rade de lancering van de hier centrale website van de campagne, die werd mogelijk gemaakt door de financiële steun van de Nederlandse ambassade. De site biedt nieuws en informatie over het Guarani-volk in de vijf landen. Daarom is de site drietalig: Portugees, Spaans en de inheemse taal Guarani.

Continentale ontmoeting

De regionale bijeenkomst was een volgende stap in de realisatie van de derde continentale bijeenkomst van de Guarani-gemeenschappen, gepland voor november 2010, in Asunción, Paraguay.

Klik hier voor de Europese site van de campagne

Bron:

top

Print dit item print
Schendingen rechten inheemse volken gemeld in Europa
"Uw ontwikkeling is ons bloedbad!"


23 februari 2010

Een delegatie van inheemse volken uit het Noordoosten van Brazilië reisde door Europa om het geweld en de schendingen van hun rechten ten gevolge van de omlegging van de rivier São Francisco aan de kaak te stellen. "Water is een gemeenschappelijk goed van de mensheid, geen handelswaar.”
De boodschap die de delegatie in Europa liet horen, was duidelijk: de omlegging van de São Francisco heeft verwoestende gevolgen voor 33 inheemse volken in het Noordoosten van Brazilië en voor verschillende Afro-Braziliaanse gemeenschappen, en voor traditioneel levende vissersdorpen en het milieu. Daarnaast schendt de regering de mensenrechten en de rechten van inheemse volken, verankerd in de Braziliaanse grondwet en internationale verdragen zoals de Conventie 169 van de ILO en de Verklaring inzake de Rechten van Inheemse Volkeren van de VN.
De delegatie bracht een bezoek aan Italië, Zwitserland, België en Duitsland. Zij werd ontvangen op openbare en besloten bijeenkomsten voor maatschappelijke organisaties, burgemeesters, parlementsleden, vertegenwoordigers van de Verenigde Naties (VN), de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) en parlementariërs van de Europese Unie. De delegatie bestond uit: Uilton dos Santos, hoofd van het volk de Tuxa en voorzitter van de organisatie APOINME, Fabiana Bezerra Paieú (Pretinho) van het volk Truká, en Saulo Feitosa, vertegenwoordiger van CIMI.

Tegen welke prijs ?

De kwestie van de São Francisco-rivier heeft om verschillende redenen veel aandacht gekregen. In Europa is er grote bezorgdheid over het milieu en de klimaatverandering. Er is een groot besef dat een omlegging zoals deze rampzalig is voor het milieu en bijgevolg ook het klimaat zal beïnvloeden. Bovendien erkent men in toenemende mate dat de inheemse volken het meest te lijden hebben van deze veranderingen en van het huidige economische model. De leden van de delegatie bleven het herhalen: "De omlegging van de São Francisco zorgt ervoor dat onze manier van leven onder druk komt te staan en ons volk zal uitsterven.” Edilena was heel helder over het project dat de Braziliaanse regering presenteert als een belangrijke stap naar ontwikkeling: "Uw ontwikkeling is ons bloedbad!"
Uilton Tuxa verklaarde dat het verzet tegen de omlegging geen verzet tegen ontwikkeling op zichzelf is. Het gaat om de manier waarop: "Ontwikkeling ja, maar niet tegen elke prijs. De economie wordt boven het leven en boven de rechten van inheemse volken geplaatst, en daar protesteren wij tegen”.

Geprivatiseerd water

Naast de zorg voor het milieu en het klimaat, is er de kwestie van de privatisering van water. Een actueel en controversieel thema in Europa. Uilton legt uit: "Door de omlegging gaat de São Francisco tot de grootste markt ter wereld behoren wat water betreft. Dit druist geheel in tegen de opvattingen van de inheemse volken: water is een gemeenschappelijk goed voor de mensheid, geen handelswaar.”
Uilton vertelde ook dat uit cijfers van de overheid blijkt dat de omlegging alleen ten gunste zal komen aan de agribusiness, de metaalindustrie en andere industrieën. Andere mensen in de regio zullen geen toegang krijgen tot het water uit de kanalen. De regering heeft op dit moment al een alternatief plan ontwikkeld om het water in het Noordoosten van Brazilië beter te beheren. Uilton: "Het beroemde Atlasproject. Met de helft van de kosten, voordelen voor veel meer mensen, minder schadelijke gevolgen voor het milieu en met een eerlijke verdeling van het water over alle regio’s."

Schendingen al bekend

In Italië kwamen veel mensen op de bijeenkomsten af en verschenen er verschillende stukken in de krant. Er was zelfs een verslag op de nationale tv-zender. In Genève werd de delegatie ontvangen door verschillende rapporteurs van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN, zoals de rapporteur voor de mensenrechten van inheemse volken. Ook vertegenwoordigers van Verdrag 169 van de afdeling mensenrechten van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) waren aanwezig.
Het bericht over de schendingen van de mensenrechten door de omlegging van de rivier is niet nieuw voor de vertegenwoordigers van de genoemde organisaties. In 2008 zijn deze namelijk al gemeld aan de ILO. En in 2009 heeft de ILO de Braziliaanse regering ook verzocht om verduidelijking. Brazilië heeft Verdrag 169 namelijk ook ondertekend en kan door de ILO daar dus op worden aangesproken. Tot nu toe heeft de regering Lula niet gereageerd op het verzoek van de ILO. De vertegenwoordigers van de IAO benadrukten dat de actuele informatie die de delegatie meebracht van groot belang is.

In Brussel werd de delegatie ontvangen door afgevaardigden van de Europese Unie, vertegenwoordigers van vier verschillende politieke partijen en alle leden van de Mercosur-afdeling van het Europees Parlement. Ze waren erg bezorgd over de gevolgen van de omlegging voor het milieu en de inheemse volken en beloofden de kwestie in het Europees Parlement te bespreken en aan de orde te stellen bij ontmoetingen met vertegenwoordigers van de Braziliaanse overheid.
Als laatste etappe werd Berlijn aangedaan, waar de delegatie een aantal ontmoetingen had met verschillende maatschappelijke organisaties.

Een engelstalig rapport over de situatie vindt u hier.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top

Print dit item print
CAMPAIGN OPARA: INDIGENOUS PEOPLES IN DEFENSE OF
SÃO FRANCISCO

Brazilian Indigenous denounce Transposition of
São Francisco river


1 februari 2010

A delegation of indigenous peoples in the Northeast will travel to Europe to denounce the violence and violations of their rights resulting from the Transposition of the São Francisco river project. The Indigenous delegation will be in Italy, Switzerland, Belgium and Germany, between January 24 and February 8, 2010.

The Transposition of the San Francisco river has a devastating social and environmental impact on 33 indigenous peoples of the region and on numerous maroon communities, traditional communities and riverside communities. Contrary to the Brazilian Constitution and international treaties such as Convention 169 of the ILO and the Declaration on the Rights of Indigenous Peoples of the United Nations, these communities were not informed, consulted or heard about the venture.
The Indian delegation will present the complaints to international bodies on human rights, such as the United Nations (UN), the International Labor Organization (ILO), European governments, the European Parliament and European civil society.

The Implementation

The transfer of water from the Sao Francisco is a mega-project of hydraulic engineering which is part of the Acceleration Program (PAC) of the Lula government. It provides for the construction of two channels, together over 600 km long, 2 dams, 9 pumping stations, 27 aqueducts, tunnels 8 and 35 dams of water reservoirs. Currently, the project is under construction in spite of the numerous judicial irregularities.

Rights denied and violated

The campaign Opará – Indigenous Peoples in Defense of the São Francisco seeks to denounce the numerous violations of indigenous rights by the project implementation.
The project violates the right to previous and well-informed consultation, because the government did not carry out procedures for consultation of indigenous peoples impacted by the project implementation.
It violates indigenous territorial rights, because the constitution requires that the lands traditionally occupied by Indians are part of the heritage of the Federal union, ensuring the permanent possession of the Indigenous who live on it; It equally prohibits any process of forced removal of the population.
The project implementation constitutes an invasion of the indigenous territories of the Truká and Pipipã peoples, as they are currently occupied by the Brazilian army to ensure the start of the work, it also threatens the integrity of territories of the Tumbalalá, Kambiwá and Anacé people.
The project violates the right of ethnic self-definition, because representatives of public authorities repeatedly denied the presence of indigenous peoples within the area of influence of the project, rejecting their claims as falls or lies.
The project violates the right of access to justice, because on December 19, 2007 the Supreme Court refused to consider the legal actions against the bill submitted by indigenous and civil society organizations as legitimate.

Purpose of trip

The purpose of the trip is to attract the attention of the Brazilian Federal Supreme Court to finally judge the pending actions concerning the implementation of the project, denouncing the numerous irregularities in the project and also questioning whether the work is in accordance with the Constitution. Until judging these actions the Supreme Court should order the construction works to stop immediately.
To achieve this goal, the delegation will have hearings with representatives of the UN – in particular with the special rapporteurs of the UN human rights –, with the International Labour Organization (ILO) and with the European Parliament, civil society organizations and press. There will also be several meetings, activities and discussions in various cities.
The delegation will visit Rome, Udine and Bolzano in Italy, Geneva in Switzerland (where the UN and ILO are located), Brussels in Belgium (European Parliament) and Paris in France.
On the trip will be released the "Denouncing Report: Indigenous Peoples of the Northeast impacted by the transposition of the São Francisco”

General information on the transposition

The Sao Francisco is the third water basin of Brazil and has a length of 3,160 km. The river has suffered major intervention, which seriously damaged its environmental balance: 7 hydroelectric plants and over 30 dams have been built already, managed by the Hydroelectric Company of São Francisco (CHESF). These interventions have led to the deforestation of 95% of its riparian forest and caused the forced removal of 150,000 people.
The investment planned by the transposition project is 6.6 billion Brazilian reais (2,64 billion Euros). The government argues that the reason for this mega-project would be to quench the thirst of 12 million residents of the semi-arid Northeast. However, according to data supplied by the government project itself, only 4% of the water will be transposed to the rural population, 26% of urban and industrial uses and 70% is destined for large scale irrigation projects of monoculture production which is destined mainly for export.
However, at the same time an alternative and previous project of the Brazilian government proposes solutions to supply 24 million people in these regions with water, costing only half the investment.
The project implementation has a strong social and environmental impact on the 33 indigenous peoples who live in its basin. Some 8,000 Indigenous suffer from direct impacts, ranging from the forced removal, to the flooding of parts of their territories and the destruction of sacred places.
In spite of all the evidence for such impacts, on 19 December 2007, the Supreme Court stated that the project will not have negative impacts on indigenous lands and refused to consider the legitimate legal actions against the transposition made by indigenous organizations and civil society. The works have been in progress from June 2007 and so far 15% of the work has been completed.

Members of the delegation

Representatives of the delegation are:

• Uilton Manoel dos Santos, leader of the indigenous Tuxá people and general coordinator of the Articulation of Indigenous Peoples and Organizations of the Northeast, Minas Gerais and Espirito Santo (APOINME)
• Fabiana Bezerra Pajeú, leader of the indigenous Truká people, indigenous teacher and member of the Committee of Indigenous Teachers of Pernambuco (Copipe) and the National Commission of Indigenous Teachers
• Saulo Ferreira Feitosa, a member of the Indigenous Missionary Council (CIMI) since 1983 and member of the Brazilian Commission for Justice and Peace of Brazilian Bishops

Campaign Opará

Opara is the indigenous name for the river San Francisco, meaning river-sea. The campaign aims to prevent the implementation of the project, and pressure the Government to respect the rights of affected communities, particularly indigenous communities. The implementation needs to be rethought, and, if carried forward, be designed differently so they do not affect the indigenous peoples, their lands and their way of life. The campaign also pushes for the revitalization of the São Francisco.

The Opará Campaign is promoted by the following Brazilian organizations:

• APOINME (Association of Indigenous Peoples of the Northeast, Minas Gerais and Espirito Santo)
• Bar Association for Rural Workers in the State of Bahia
• Center for Research on Communities and Traditional Peoples and environmental policies of the State University of Bahia
• Pastoral Commission for Fisherman/NE (Comissão Pastoral de Pescadores / Northeast)
• Indigenous Missionary Council (CIMI)
• Popular Articulation for the revitalization of the São Francisco
• Via Campesina Northeast Brazil

For more information, please contact:

CIMI 55/61/2106 1666 Paul ou Maíra
CIMI Europa 39/3336348279 Martina
APOINME 55/75/88150715 Francisco de Assis (Dipeta dipeta51@hotmail.com Tuxá)
CPP / NE 55/75/8835 3113 Alzeni Tomáz
Via Campesina 55/82/9950 0227 Hélio
Povo Truká 55/87/ 9606 6065 Cacique Neguinho
Povo Tumbalalá 55/87/ 9131 0008 Cacique Cícero
NECTAS/UNEB 55/87/ 7588 56 0622 Juracy Marques

Een engelstalig rapport over de situatie vindt u hier.

Bron: Cimi www.cimi.org.br

top